Ga naar inhoud

Tekort aan zand en grind voor herstel rivierbodems

Door Tim Koorn
Tekort aan zand en grind voor herstel rivierbodems
Zandaanvoer langs de Waal | Foto Wim Eikelboom
Gepubliceerd:

Voor herstel van de uitgesleten rivierbodems van de Bovenrijn, Waal, Pannerdens Kanaal en IJssel is circa 20 miljoen kubieke meter zand en grind nodig. Maar die hoeveelheid sediment is niet beschikbaar in Nederland.

Dat blijkt uit de werkhypothesen voor Ruimte voor de Rivier 2.0 die naar de Tweede Kamer zijn gestuurd. De werkhypothesen zijn de uitgangspunten op basis waarvan formele beleidskeuzes worden gemaakt voor verbetering van bevaarbaarheid, veiligheid en natuur in de grote rivieren.

Vanaf Spijk - waar de Rijn ons land binnenstroomt - tot Zaltbommel, plus in de IJssel van Westervoort tot Zutphen is het nodig om de rivierbodem gemiddeld 1 meter te verhogen. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat wil de rivierbodem terugbrengen tot het niveau van 2018. Dat is minder dan 1 meter. Dat heeft een pragmatische reden: er is niet genoeg sediment beschikbaar voor herstel van de uitgesleten rivierbodems.

Licht vervuild
In ons land is er veel vraag naar zand voor de bouw en de grindwinning loopt op het einde. Bovendien is veel zand dat vrijkomt bij het uitbaggeren van nevengeulen licht vervuild en daarom ongeschikt om terug te brengen in de rivier. “Beschikbaarheid van sediment en de technische uitvoerbaarheid met bestaand materieel en bestaande methoden is een probleem”, stelt het ministerie in de werkhypotheses.

Niettemin is een eenmalige suppletie vereist van maximaal 24 miljoen kubieke meter zand en grind. Om de herstelde rivierbodems op peil te houden moet vervolgens jaarlijks tussen de 150.000 en 200.000 kubieke meter zand en grind in de rivieren worden aangebracht.

Voorstel is om zo snel mogelijk te starten met deze suppleties, met name bij de nijpende plekken, zoals de harde laag in de Waal bij Nijmegen. Op deze plek schampen binnenvaartschepen bij verlaagde waterstand regelmatig de rivierbodem. Herstel van de rivierbodems met sediment is de opmaat naar een maatregel om de stroomsnelheid van de rivieren te verlagen met behulp van het zogeheten meergeulenconcept in combinatie met versmalling van de hoofdstroom. Eerder gaf H2O uitleg over dit meergeulenconcept.

Lek ontzien
De werkhypthosen van Ruimte voor de Rivier 2.0 zijn drieledig: herstel van de bodemligging van de rivieren, maatregelen voor extreem laag en extreem hoog water en ecologisch herstel van het riviersysteem van zowel de Rijntakken als de Maas.

Als de Duitsers hun hoogwaterbeschermingsmaatregelen langs de Rijn goed op orde hebben, kan dat ertoe leiden dat de Rijn meer water binnenbrengt in Nederland. Het huidige riviersysteem is ontworpen op 18.000 kubieke meter water per seconde, maar er wordt in Ruimte voor de Rivier 2.0 ook gekeken naar scenario’s met 20.000 kubieke meter rivierwater per seconde.

Bij zulke extremiteiten moeten de Waal en de IJssel aan de bak. De Nederrijn en Lek blijven dan buiten schot. Voor het ontzien van de Nederrijn en Lek worden diverse redenen aangevoerd, waaronder: het verhang in de rivier is gering, de dijken zijn kwetsbaar en het winterbed is zeer smal. Bovendien mondt de Lek uit in de Nieuwe Maas, in het hart van de volgebouwde en dichtbevolkte stad Rotterdam.

Bij die hoeveelheid nemen de Waal en IJssel extra water voor hun rekening en blijft de stuw bij Driel gesloten. Bij waterstanden boven 16.000 kubieke meter Rijnaanvoer krijgt de Waal 80 procent van het surplus en de IJssel 20 procent, wat voor de Gelders-Overijsselse rivier neerkomt op een hoogwaterstand van 40 centimeter extra.

De werkhypothesen van Ruimte voor de Rivier 2.0 koersen op meer rivierverruimende maatregelen langs het Pannerdens Kanaal en de IJssel. Het gaat onder meer om binnendijkse ruimte bovenstrooms langs de IJssel. Deze plannen kennen een lange aanlooptijd van zo’n 20 jaar.

Ook bij laagwater en langdurige droogte krijgt de IJssel circa 5 procent meer water dan gebruikelijk, vanwege het belang om het IJsselmeer goed gevuld te houden.

Landbouw
Curieus detail in de werkhypothesen is dat er mogelijk nader onderzoek plaatsvindt naar het uitplaatsen van alle landbouw uit de uiterwaarden tegen gunste van natuur en recreatie. Bij de start van Ruimte voor de Rivier 2.0 benadrukte staatssecretaris Rummenie van landbouw juist dat dit project een meerwaarde moet opleveren voor de landbouw.


LEES OOK
H2O Premium: Ruimte voor de Rivier 2.0: veel ambities, amper budget

Tags: Actueel

Meer in Actueel

Bekijk alles

Meer van Tim Koorn

Bekijk alles

Van onze partners