Om Nederland van het stikstofslot te bevrijden en de vergunningverlening weer op gang te brengen, is langjarig natuurherstel noodzakelijk. Dat stellen de provincies, gemeenten, waterschappen en natuurbeheerders in de Bouwsteen Natuur, een handreiking aan het Rijk met vier concrete voorstellen.
De Bouwsteen Natuur is het vervolg op de Bouwsteen Emissiereductie Landbouw, die in juli werd gepresenteerd. In dat ‘alternatieve stikstofplan’ deden LTO Nederland, NAJK (jonge boeren en tuinders), IPO, VNG en de Unie van Waterschappen gezamenlijk voorstellen voor een juridisch geborgde stikstofreductie.
Die waren volgens hen nodig omdat het ‘Startpakket Nederland van het slot’ van een speciaal ingestelde ministeriële commissie onvoldoende perspectief bood, met alle gevolgen van dien voor de economie, de natuur en de landbouw. Met de natuurorganisaties waren de partijen toen nog in gesprek; zij beloofden later met deze tweede ‘bouwsteen’ te komen.
Samen vormen beide bouwstenen nu een integraal voorstel om Nederland wél van het slot te halen, zeggen de ondertekenaars. Om de huidige impasse te doorbreken, zijn zowel stikstofreductie als een ‘robuuste natuur’ nodig.
"Alleen dan kunnen we werken aan een veilig en schoon Nederland en voorkomen dat problemen worden doorgeschoven naar volgende generaties", verklaart voorzitter Jeroen Haan van de Unie van Waterschappen.
Vier voorstellen
De Bouwsteen Natuur bevat vier concrete voorstellen aan het Rijk om gezamenlijk te bouwen aan een Natuurpact 2.0. Daarmee wordt natuurbeleid structureel verankerd "als fundament voor een leefbaar, gezond en toekomstbestendig Nederland".
Als eerste is structurele financiering nodig: naast de inflatiecorrectie per 1 januari 2026 jaarlijks 200 miljoen euro extra voor een adequate uitvoering van het beheer.
Daarnaast zijn extra maatregelen noodzakelijk om in 2035 voor 90 procent van de habitats de condities op orde te hebben. Een cruciale rol hierbij is weggelegd voor hydrologische maatregelen.
Niet vrijblijvend
Verder moet er een toekomstbestendig stelsel voor agrarisch natuurbeheer komen dat bijdraagt aan meer biodiversiteit en een betere balans tussen landbouw en natuur. Dat is “vrijwillig, maar niet vrijblijvend”.
Tot slot zijn structurele monitoring en transparante verantwoording essentieel. Waar nodig kan worden bijgestuurd, in samenhang met omgevingsbeleid en bestaande wet- en regelgeving.
De partijen benadrukken het belang van een gezamenlijke verantwoordelijkheid, ook van de rijksoverheid. "Deze bouwsteen is dan ook een duidelijke oproep richting het Rijk en de straks formerende partijen om duidelijke afspraken te maken over de financiering", aldus Haan.
Aanvullende reflectie
De Bouwsteen Natuur is ondertekend door het Interprovinciaal Overleg (IPO), de terreinbeherende organisaties LandschappenNL, Natuurmonumenten, de Unie van Bosgroepen en de Federatie Particulier Grondbezit, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Unie van Waterschappen.
Staatsbosbeheer ondertekende als uitvoeringsorganisatie van het Rijk niet, maar dacht wel mee en leverde een aanvullende reflectie. Natuurmonumenten tekende wel, maar noemt de bouwsteen op de eigen website "slechts het begin".
LTO Nederland ziet "interessante aanknopingspunten", maar benadrukt ook dat "alles staat of valt met een gelijktijdige aanpak met de door ons mede-opgestelde Bouwsteen Emissiereductie Landbouw".