Het beoordelingssysteem van de Kaderrichtlijn Water (KRW) is enorm complex en schetst een te pessimistisch beeld dat geen recht doet aan de bereikte biodiversiteitsverbeteringen, zegt een team van wetenschappers onder leiding van het Britse UK Centre for Ecology & Hydrology (UKCEH). Het onderzoeksinstituut bepleit daarom een herziening van het beoordelingssysteem. Een onafhankelijke watercommissie adviseert de Britse regering het advies over te nemen.
De Europese Kaderrichtlijn Water die een goede ecologische en chemische toestand van KRW-wateren eist, geldt formeel niet meer voor Britse wateren sinds de Brexit in 2020. Toch bleef het Verenigd Koninkrijk tot dit jaar de KRW-rapportages uitvoeren en publiceren. Maar nu zijn er plannen om een alternatief voor de richtlijn te ontwikkelen.
De wetenschappers van het UKCEH kwamen na een 5 maanden durend onderzoek op basis van literatuurstudie, input van consultants en gegevensanalyse tot de conclusie dat het \'enorm complexe\' KRW-classificatiesysteem een te pessimistisch beeld geeft van de biodiversiteitsverbeteringen. Het oppervlaktewatermilieu zou volgens de onderzoekers beter beschermd worden door de nadruk te leggen op biodiversiteit en ‘moderne statistische methoden te gebruiken om de belangrijkste stressfactoren te identificeren die verbetering in de weg staan’.
De wetenschappers doen een aantal aanbevelingen om tot aanpassing van het beoordelingssysteem te komen, zonder dat dit leidt tot ‘een radicale verandering van de huidige monitoringregelingen’. Zo stellen ze voor een biodiversiteitsaudit in te voeren.
Zo’n audit brengt de status van verschillende soorten op een bepaalde locatie duidelijker in beeld, aldus de wetenschappers. Terwijl de KRW-beoordelingen om de 6 jaar worden gemaakt, zou de statistische analyse elk jaar moeten worden uitgevoerd op basis van de bemonsteringsgegevens van het Britse Environment Agency.
Fundamentele reset
Een onafhankelijke watercommissie onder leiding van Sir Jon Cunliffe stelt in het vorige maand gepubliceerde Cunliffe-rapport dat de Britse regering de evaluatie en de aanbevelingen van het Centre for Ecology & Hydrology in overweging moet nemen, waaronder een regelmatige biodiversiteitscontrole.
De Cunliffe-commissie doet aanbevelingen voor ‘een fundamentele reset’ van de watersector. Zo’n reset is nodig om het vertrouwen van het publiek in de sector en de regulering ervan te herstellen en om de investeringen aan te trekken die nodig zijn om de waterwegen van Engeland en Wales schoon te maken, schrijft de commissie.
Ingrijpen is nodig, want de Britse watersector staat er niet goed op. Zo is er veel kritiek op de vervuiling door riooloverstorten (in 2023 meer dan 464.000 lozingen van onbehandeld rioolwater in rivieren en kustwateren), een probleem dat Britse waterbedrijven met een groot investeringsprogramma willen aanpakken.
Een biodiversiteitsaudit zou bijdragen aan het beter informeren van de lokale bevolking van de werkelijke biodiversiteitsstatus van lokale en regionale wateren, aldus de commissie.
Belangrijke verbeteringen
Hoewel slechts 14 procent van de rivieren in Engeland als ecologisch gezond wordt beoordeeld, stellen de auteurs van het UKCEH-onderzoek dat er de afgelopen decennia belangrijke verbeteringen zijn opgetreden in de soortenrijkdom van ongewervelden, planten, vissen en algen in de Britse rivieren, meren en andere waterlichamen.
Hoewel het moeilijk is om vergelijkbare vergelijkingen te maken, schat Andrew Johnson, een milieuwetenschapper bij het UKCEH, dat bij invoering van de voorgestelde biodiversiteitsaudit meer dan 54 procent van de rivieren in Engeland een goede ecologische beoordeling zou krijgen, tegenover de huidige 14 procent volgens de KRW.
Twijfels
Eerdere UKCEH-analyses van gegevens van het Environment Agency hebben aangetoond dat de toename in diversiteit van zoetwaterongewervelden correleert met de vermindering van metaalvervuiling en verbeteringen in de behandeling van afvalwater in de afgelopen 30 jaar. Maar volgens de KRW-rapportages zou er sinds 2009 geen toename zijn geweest van het aantal waterlichamen dat een goede ecologische toestand heeft bereikt, stelt Johnson vast. De discrepantie tussen het wetenschappelijke bewijs en de resultaten van de ecologische toestand doet twijfels rijzen over de waarde van het hele proces, aldus de milieuwetenschapper.
“De KRW zou ons bijvoorbeeld verplichten om veel meer geld te steken in het verder verlagen van fosfaatconcentraties, maar volgens onze statistische analyse zou dit minder gunstig kunnen zijn voor de algehele biodiversiteit dan het aanpakken van belangrijke metaalverontreinigingen.”
De wetenschappers van UKCEH verwachten dat op termijn een combinatie van de voorgestelde biodiversiteitscontrole van oppervlaktewaterlichamen, chemische kwaliteitsnormen en normen voor de menselijke gezondheid de KRW-classificatie kan vervangen.
LEES OOK
H2O premium: ‘De Kaderrichtlijn Water is een mooi beleidsinstrument, maar het motiveert niet als je de verbeteringen niet laat zien’