“Een cruciale aanvulling op onze faciliteiten. Niet alleen voor Deltares, maar voor Nederland.” Zo omschreef Annemieke Nijhof, directeur van kennisinstituut Deltares, het nieuwe Delta-lab bij de officiële ingebruikname afgelopen vrijdag. De onderzoeksfaciliteit moet kennis generen waarmee bestuurders beleid kunnen maken voor de grote vraagstukken van nu.
De boodschap ‘een lab voor iedereen’, werd nadrukkelijk herhaald door andere sprekers. Zo zei Johan Remkes, voorzitter van de Raad van Toezicht van Deltares: “Dit Delta-lab is níét van Deltares, maar van onze Nederlandse kennisinfrastructuur. De vraagstukken over fysische, chemische en biologische kwaliteit van bodem en water staan in toenemende maatschappelijke belangstelling. En terecht. Daarom voegt het Delta-lab een belangrijke faciliteit toe aan ons Nederland. Het is het fundament de komende jaren voor onderzoek, voor innovatie en voor beleidsontwikkeling.”
In het nieuwe laboratorium op de campus van Deltares in Delft komen biologisch, chemisch en fysisch experimenteel onderzoek samen, zo schetst het kennisinstituut. De bouw betekende het einde van het lab van Deltares in Utrecht. De huur daar werd opgezegd, het labonderzoek is nu gecentraliseerd in één gebouw op de campus in Delft. “Zowel financieel maar vooral inhoudelijk en strategisch een heel belangrijke stap”, aldus Nijhof.
State of the art
De bouw van het lab kostte circa 9 miljoen euro. Iets meer dan aanvankelijk was berekend, omdat er gerekend was met een te weinig aantal vierkante meters vloeroppervlakte. Maar toen het plan eenmaal klopte, werd er geleverd binnen budget en planning, schetste Nijhof, die sprak over ‘een state-of-the-art lab’ op de campus, waar Deltares ook beschikt over unieke onderzoeksfaciliteiten als de Deltagoot en de GeoCentrifuge.
Met het nieuwe lab richt Deltares zich op vijf hoofdthema’s: antropogene stoffen zoals PFAS, medicijnresten en microplastics; nutriënten, waaronder stikstof en fosfaat, en waterkwaliteit; broeikasgasuitstoot uit natte bodems en water; slibdynamica en hergebruik van bagger; energietransitie en infrastructuur, zoals de impact van aardwarmte en waterstofopslag.
Flexibel ingericht
De eigen medewerkers hebben het programma van eisen gemaakt voor het lab, vertelde Nijhof. Het is flexibel ingericht, met ruimte voor allerlei opstellingen om de buitenwereld na te bootsen, met de uit Utrecht overgekomen aquaria met zoet en zout water om de vorming van microplastics te bestuderen, tot bodems met planten en slib, waaruit broeikasgassen kunnen komen.
“Als we de energietransitie en het herstel van bodem en water willen versnellen, dan moeten we precies weten wat er op microschaal gebeurt. Bijvoorbeeld hoe bacteriën reageren op vervuilende stoffen, hoe roest ontstaat op metalen constructies in zout water en hoe gassen zoals methaan vrijkomen uit natte bodems”, aldus Fredericke Hannes, hoofd van het Delta-lab, die tijdens een rondgang door het state of the art-lab duidelijk maakte dat de onderzoeksfaciliteit ook openstaat voor projecten van derden.
LEES OOK Jubilerend Deltares wil werk maken van samenwerking en co-creatie: ‘We kunnen het niet meer alleen’
Honger naar kennis
De beleidsmakers zien in het nieuwe lab een faciliteit die kennis produceert die nodig is om beleid te maken voor de grote vraagstukken van nu: zeespiegelstijging, veranderende rivieren, overbenutting. “Allemaal drukfactoren voor ecologie en samenlevingen in delta’s”, zei Jaap Slootmaker, directeur-generaal Water en Bodem bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Die leiden, zo zei hij, niet alleen tot onzekerheid en ‘brede bandbreedtes’, maar ook tot ‘een enorme honger naar kennis, naar onderzoek, naar feiten’.
Slootmaker: “De kennis van Deltares, de analyses, de waarnemingen aan de ene kant en de voorspellingen, verwachtingen en modellen aan de andere kant, vormen de kurk waar beleid op drijft. Laat er geen misverstand over bestaan, als beleidsmakers zijn we voor een groot deel afhankelijk van kennis.”
Jan Hendrik Dronkers, secretaris-generaal van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, verwees naar het adagium van zijn ministerie: \'Wij willen op tijd zijn\'. “In het verleden waren we altijd te laat, tegenwoordig hebben we zo veel kennis en inzicht dat we op tijd kunnen zijn. Daar hebben we Deltares voor nodig. Kennis is in beweging, maar het is wel een hecht fundament waarop je moet staan. Op dat fundament kunnen politici de juiste beslissingen nemen. En laat dit Delta-lab, deze kraamkamer van kennis, bijdragen aan dat hechte fundament.”