Het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier voert een publiekscampagne om mensen bewust te maken van weersextremen. Dat gebeurt onder andere met een fotowedstrijd, een kleurwedstrijd, een expositie en met een serie historische lezingen.
“Juist in dit jaargetijde willen we dat mensen nadenken over en zich voorbereiden op wateroverlast”, legt Diederik Aten (historicus bij Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, HHNK) uit. “Dat proberen we op verschillende manieren te bereiken. Ook door gebruik te maken van de geschiedenis, want uit het verleden zijn natuurlijk nuttige lessen te leren.”
Dat merkt Aten ook in zijn dagelijks werk als historicus voor het hoogheemraadschap. “We kijken terug op 800 jaar geschiedenis. Dan is het handig als je iemand in huis hebt, die daar een beetje weet van heeft. Juist ook om bij actuele kwesties historisch onderbouwde keuzes te kunnen maken. Bij voorbij het vernieuwen van een gemaal.”
Het andere deel van Atens werk is gericht op publieksvoorlichting. Hij levert input voor social media posts, schrijft wetenschappelijke artikelen en houdt lezingen. Nu dus ook voor de najaarscampagne van HHNK. Hij zal spreken over de grote watersnood in Waterland/Zaanstreek in 1916 en de andere lezing gaat over de Hondsbossche Zeewering.
Beide onderwerpen resoneren volgens de historicus vandaag de dag nog. “De Hondsbossche Zeewering is eeuwenlang de zwakste schakel in onze kustlijn geweest. Die is tien jaar geleden onder grote publieke belangstelling volledig opnieuw ingericht. Tegenwoordig heet het de Hondsbossche Duinen. De watersnood in 1916 was de laatste grootste watersnoodramp in het Zuiderzee-gebied. Daar zijn mensen bij overleden en er volgden grootschalige evacuaties. Dat is een indrukwekkend verhaal.”
In beide lezingen is de belangrijkste boodschap volgens Aten dat water nooit rust. “Natuurlijk, er zijn grote verschillen tussen vroeger en nu. In 1916 hadden ze geen telefoons bijvoorbeeld, maar de essentie blijft hetzelfde: het blijft altijd oppassen met het water.”