Een gebrek aan kennis onder kiezers en ook algemeen bestuursleden en een beperkte speelruimte van waterschappen. Deze argumenten worden vaak ingebracht om vraagtekens te zetten bij het belang van waterschapsdemocratie. Volgens Hans Vollaard, universitair hoofddocent politicologie aan de Universiteit Utrecht, ten onrechte. “Ook toen waterschappen meer nog boerenrepublieken waren, werden er politieke keuzes gemaakt.”
door Hans Klip
‘Het algemeen bestuur van het waterschap moet geen politiek bedrijven maar de mensen beschermen tegen overstromingen.’ Het is een typerend citaat dat Hans Vollaard noemt in zijn essay Het belang van verkozen vertegenwoordiging in waterschappen. Dit is gepubliceerd in het meinummer van het tijdschrift Bestuurswetenschappen.
Vollaard heeft duidelijk een andere mening. Deskundigen kunnen volgens hem waterschapsbesturen niet alleen besturen. Er is draagvlak nodig voor afwegingen tussen prioriteiten, belangen en waarden en ook controle nodig op machtsuitoefening. Een verkozen vertegenwoordiging is hiervoor het meest aangewezen orgaan, schrijft Vollaard in het essay. Want er zijn politieke keuzes te maken en daarvoor kan onder inwoners, boeren en natuurterreinbeheerders heel verschillend worden gedacht.

Hans Vollaard
Dr. Hans Vollaard (48) is universitair hoofddocent politicologie bij het Departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht. Hij doet onderzoek naar de vertegenwoordigende democratie in gemeenten, provincies en waterschappen. Vollaard is een van de auteurs van het eerste uitgebreide kiezersonderzoek in provincie en waterschap ooit, in 2021 uitgevoerd door de Universiteit Twente en de Universiteit Utrecht. Dat is na de verkiezingen van twee jaar geleden herhaald. Vollaard maakte samen met zijn Utrechtse collega Harmen Binnema de analyse Waterschapsdemocratie? Een goed idee! (2022) en de verzamelbundel Waterschappen: Democratie in een onbekend bestuur (2023).
Wat was voor u de aanleiding om het essay te schrijven?
“Er zijn eigenlijk twee redenen. Ik heb na de verkiezingen in 2023 nog regelmatig presentaties gehouden bij algemeen besturen van waterschappen. Een vast onderdeel is het vraagstuk van hoe je als AB-lid je verhoudt tot deskundigen. Anders gezegd, wat is de meerwaarde van een verkozen bestuur?
De andere reden is dat er in de algemene media amper aandacht is voor wat politiek speelt in waterschappen, op hier en daar een relletje na. Daarom belicht ik in het essay ook het politieke proces sinds de waterschapsverkiezingen. Wat gebeurt er met de BBB als nieuwe partij? Wat betekent de fusie tussen GroenLinks en PvdA voor Water Natuurlijk? Kan dit bijvoorbeeld voor D66 aanleiding zijn om zelfstandig aan verkiezingen deel te nemen? Het zat al in mijn hoofd en heb ik nu op papier gezet.”
Volgens het kiezersonderzoek zijn er kiezers die vinden dat er geen rol voor politici is weggelegd in het waterschapsbestuur. Dit moet worden overgelaten aan experts met verstand van zaken. Dat hoort u eveneens geregeld van mensen buiten en binnen waterschapsbesturen. U concludeert echter dat de verkozen vertegenwoordiging van wezenlijk belang is. Waarom?
“Ook toen waterschappen meer nog boerenrepublieken waren, werden er politieke keuzes gemaakt. Het hangt natuurlijk een beetje af van wat je als politiek definieert. Ik zie het als de afweging tussen prioriteiten, belangen en waarden. De keuze tussen het ene of andere belang is daarom een politieke keuze. Waar een dijk wordt versterkt, heeft consequenties voor het leven van mensen die in het gebied wonen. De politieke afweging is dus doorslaggevend. Ook in de uitvoering zitten vrij scherpe politieke keuzes.”
Waarom dan de neiging van mensen om het politieke karakter van besluiten te ontkennen?
“De aversie komt vooral voort omdat er ook partijpolitiek gedoe zou zijn. Er zijn grofweg twee kampen bij de partijen die deelnemen aan de waterschapverkiezingen: groen-sociaal en ondernemend-zuinig. Ik vind het juist een voordeel dat mensen in ieder geval weten dat bijvoorbeeld de PvdA in het eerste kamp zit en het CDA in het tweede. Dit zorgt voor helderheid.”
‘Het verkozen orgaan is er voor de koersbepaling en de controle. Laat ik er gelijk bij zeggen dat het proces in de praktijk vaak moeizaam gaat’
U noemt twee argumenten die steeds terugkomen: een gebrek aan kennis onder kiezers en ook soms algemeen bestuursleden en de beperkte speelruimte van waterschappen. Om met het eerste te beginnen, waarom gaat deze vlieger niet op?
“Kennis van zaken is zeker nodig voor een goed functionerend waterschap. De experts kunnen aangeven: als je hiervoor kiest, zijn dit de gevolgen. Voor een legitiem besluit met draagvlak onder de betrokkenen is echter een afweging in het algemeen bestuur nodig. En iedereen is betrokken, want iedereen betaalt waterschapsbelasting.
Het verkozen orgaan is er voor de koersbepaling en de controle. Laat ik er gelijk bij zeggen dat het proces in de praktijk vaak moeizaam gaat. Ook doen sommige AB-leden met bijvoorbeeld een achtergrond als wateringenieur het werk van ambtenaren nog eens dunnetjes over. Dat is niet de rol van een algemeen bestuurder. Je zit er om afwegingen te maken.”
Het tweede argument is dat de speelruimte van waterschappen beperkt is.
“Dit klopt tot op zekere hoogte. Zo is het een belangrijke keuze hoe een rioolwaterzuiveringsinstallatie wordt vormgegeven, maar daarna staat die er tientallen jaren. Ook moeten waterschappen rekening houden met uitgebreide wet- en regelgeving. Er is echter nog steeds speelruimte. Zoals: hanteer je een ruime of nauwe interpretatie van waterschapstaken? Daarnaast kun je in de uitvoering keuzes maken.”
U geeft het voorbeeld van de toetreding van de Partij voor de Dieren tot twee dagelijks besturen van waterschappen, wat nog nooit eerder was gebeurd. Het leidde in het coalitieakkoord van Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden tot uitgebreide aandacht voor dierenwelzijn, zoals een diervriendelijke aanpak van de Amerikaanse rivierkreeft en het diervriendelijk dempen van sloten.
“Ik heb de AB-vergadering meegemaakt waaraan dat aan de orde kwam. Ik zag mensen met hun ogen rollen: beste Partij voor de Dieren, in wat voor een wereld leven jullie? Amerikaanse rivierkreeften en muskusratten wel vangen maar niet doodmaken? Het is een duidelijke en ook wel sympathieke keuze, waarvan het best veel uitmaakt hoe je daarmee politiek omgaat.
Een vergelijkbaar verhaal is het voorstel van de BBB in een aantal waterschappen om de belastingen voor boeren te verlagen en voor inwoners en bedrijven te verhogen. Water Natuurlijk en de PvdA hebben daarover een andere opvatting.”
U haalt een analyse van de coalitieakkoorden van 2023 aan. Deze zijn vooral een voortzetting van bestaand beleid, ondanks de forse winst van de BBB. Is dat niet in tegenspraak met wat u zojuist zei?
“Dat er niet zo erg veel is veranderd, komt vooral omdat het aantal geborgde zetels voor het blok ongebouwd stevig was ingekrompen. De BBB compenseerde dit goeddeels met de verkiezingswinst. In die zin heeft Caroline van der Plas een juiste politieke inschatting gemaakt om volop in te zetten op de waterschapsverkiezingen. Daarmee bleef de boerenstem en daarmee het ondernemend-zuinige kamp min of meer even groot. Toch een knappe prestatie voor een nieuwe partij.”
Vanwege het belang van de waterschapdemocratie zijn ook bij de geborgde zetels verkiezingen beter, stelt u in uw essay. Kun u dit toelichten?
“Ik vind het eigenaardig dat de twee achterbannen worden vertegenwoordigd door belangenorganisaties: ‘ongebouwd’ door Land- en Tuinbouworganisatie Nederland en ‘natuur’ door een samenwerkingsverband van natuurorganisaties waarvan een deel semipubliek is. Ik denk bijvoorbeeld dat LTO zeker rekening houdt met de verschillende maten en kleuren in de achterban, maar het voorheen uniforme boerenfront is totaal versplinterd geraakt. De vraag is of LTO nog afdoende representatief is. Bij de natuurcoalitie kun je dat eveneens afvragen. Het zou daarom goed zijn om ook geborgde zetels te laten verkiezen.”
‘Dan is er het lot van Water Natuurlijk na de fusie tussen GroenLinks en de PvdA. Bestaat deze partij nog in 2027 en zo ja, hoe dan?’
Welke ontwikkelingen bij de algemeen besturen zijn in de komende jaren te verwachten?
“De grote vraag is: het is de BBB tot nu toe gelukt om de verschillende stromingen binnen de partij allemaal binnenboord te houden maar blijft dat ook zo? Zeker omdat het resultaat waarschijnlijk minder positief gaat uitvallen bij de waterschapsverkiezingen in 2027. Juist de wat meer radicale boeren zouden kunnen afhaken.
Het CDA kan misschien profiteren. De uitdaging voor deze partij is om zich opnieuw te verbinden met zijn boerenachterban, want deze relatie heeft de afgelopen tien jaar een flinke knauw gekregen. En dan is er het lot van Water Natuurlijk na de fusie tussen GroenLinks en de PvdA. Bestaat deze partij nog in 2027 en zo ja, hoe dan?
Ziet u de beslissingen van waterschappen steeds politieker worden?
“Definieer je politiek als het afwegen van prioriteiten, belangen en waarden, dan waren de keuzes van waterschapsbesturen altijd al politiek. Ze zullen zeker niet minder politiek worden, omdat bepaalde zaken gewoon meer gaan schuren. Zo heeft het extremer worden van het weer grote consequenties voor de ruimtelijke ordening en dat gaat pijn doen. Waterschappen willen actieve zeggenschap hebben. Intern kan de discussie gaan over de vraag: hoe sturend willen wij op water en bodem zijn?
Ik verwacht dat de toon van het politieke debat binnen waterschappen wat scherper zal worden, al kunnen bestuurders nog steeds in redelijke rust besluiten nemen. De geringe aandacht ven de media dempt de profileringsdrang.”
Tot slot nog iets dat u wilt toevoegen?
“Het is belangrijk dat Nederlanders beter beseffen wat er gebeurt bij waterschappen, omdat dit gevolgen heeft voor ieders leven. Waterschappen benadrukken steeds het belang van droge voeten en schoon water. Daarbij zijn keuzes te maken. Als inwoner heb je de mogelijkheid om hieraan richting te geven.”
LEES OOK
H2O Actueel (dec. 2023): Kiezersonderzoek: vertrouwen in provinciale en waterschapsdemocratie gedaald
H2O Opinie (nov. 2023): Waterschapsverkiezingen: apart of niet?