Ga naar inhoud

Netcongestie frustreert waterschappen in halen duurzaamheidsdoelen

Door Tim Koorn
Netcongestie frustreert waterschappen in halen duurzaamheidsdoelen
De bouw van de biogasinstallatie op rwzi Echten | Foto WDODelta
Gepubliceerd:

De netcongestie hindert de waterschappen in de doelstelling om energieneutraal te worden. Ook zorgt de congestie ervoor dat projecten stilliggen of vertraagd worden, waardoor het halen van andere doelen wordt gefrustreerd. Dan gaat het om uitbreidingen van zuiveringen met nabehandelingsinstallaties, renovaties, opwaarderen van biogas naar groen gas, aansluiten van rioolgemalen op het net.

Dit blijkt uit de 10 oktober verschenen Bedrijfsvergelijking Zuiveringsbeheer 2025, waarin de Unie van Waterschappen de prestaties, kosten en opgaven van het zuiveringsbeheer in 2024 op een rij heeft gezet. De rioolwaterketen anno 2024 ‘is robuust en presteert uitstekend’, wordt vastgesteld. Maar de uitdaging is om deze goede prestaties vast te houden, \'en zelfs enkele stappen verder te gaan\'.

Het doel van de waterschappen om energieneutraal te worden zou dit jaar moeten worden gerealiseerd, maar vorig jaar werd al duidelijk dat dat niet zou gaan lukken door \'hobbels op de weg\'. In de Klimaatmonitor werd toen de verwachting uitgesproken dat de mijlpaal in 2027 wordt bereikt.

De netcongestie blijkt een nieuwe hobbel op de weg. Door de problemen op het elektriciteitsnet worden WKK-installaties op de rioolwaterzuiveringen tijdelijk uit bedrijf genomen vanwege negatieve terugleveringskosten, staat in de bedrijfsvergelijking. "Dan kan het biogas niet nuttig worden ingezet, waardoor minder stroom voor eigen gebruik kan worden opgewekt." Om deze problemen het hoofd te bieden onderzoeken de waterschappen de inzet van batterijen.

Ook kijken de waterschappen naar de mogelijkheden om ‘energie-inclusief’ te gaan bouwen. Dan wordt zelf opwekken van de benodigde extra energie onderdeel van het project. “Tegelijkertijd is er overeenstemming met de Autoriteit Consument en Markt dat onze activiteiten stijgen in het prioriteringskader waardoor we voorrang krijgen bij het op het net zetten van de door ons geproduceerde elektriciteit.”

Kaderrichtlijn Water
Uit de bedrijfsvergelijking blijkt ook dat voor twee derde van de 313 rioolwaterzuiveringen (65 procent) nog geen plannen bestaan om nutriënten stikstof en fosfor vergaand te verwijderen uit het rioolwater. Die extra zuivering is nodig om de effluentkwaliteit op het niveau te brengen dat nodig is om aan de eisen van de Europese Kaderrichtlijn Water, die december 2027 afloopt, te kunnen voldoen.

Op basis van ecologische KRW-doelen voor het oppervlaktewater wordt het beoogde effluentkwaliteit bepaald. Dat betekent concreet dat het effluent voor stikstof in de meeste gevallen moet voldoen aan een norm van 5 mg N/l of lager. Voor fosfor liggen de normen tussen de 0,15 en 0,5 mg P/l. Om die doelen te halen zijn vaak aanvullende maatregelen nodig. Voor twee derde van de zuiveringen zijn die er dus nog niet, voor ongeveer een derde wel. Daar wordt invulling gegeven aan de KRW met concrete maatregelen, ‘soms gecombineerd met de verwijdering van microverontreinigingen’, staat in de bedrijfsvergelijking.

Richtlijn Stedelijk Afvalwater
De verwijdering van microverontreinigingen vloeit weer voort uit de herziene Richtlijn Stedelijk Afvalwater (RSA) die 1 januari 2025 in werking is getreden. Deze richtlijn stelt ook eisen aan de verwijdering van nutriënten, maar deze (8 mg N/l en 0,5 mg P/l) zijn vaak minder streng dan die van de KRW.

Volgens de RSA moeten grote zuiveringen (en zuiveringen met een verhoogd risico) naast nutriënten ook organische microverontreinigingen verwijderen met een rendement van minimaal 80 procent. Eind 2045 moeten alle zuiveringen aan deze eisen voldoen.

In Nederland zijn in een innovatieprogramma diverse technologieën getest om microverontreiniging te verwijderen. Drie daarvan (Ozon, PACAS en Granulair Actief Kool) voldoen aan de eis uit het programma om 70 procent om 7 van de 11 gidsstoffen (zoals medicijnresten, pesticiden en bepaalde chemicaliën) te verwijderen uit het effluent. Voor ruim een kwart van de zuiveringen zijn er plannen om installaties te realiseren om microverontreinigingen te verwijderen, staat in de bedrijfsvergelijking. 

2,2 miljard kuub rioolwater
Daarin worden ook de prestaties, kosten en opgaven van het zuiveringsbeheer in 2024 op een rij gezet. En daaruit blijkt dat vorig jaar in de 313 rioolwaterzuiveringen 2,2 miljard kuub rioolwater is gezuiverd. Dat is 10 procent meer dan in 2021, het vorige vergelijkingsjaar. Als reden wordt gegeven dat 2024 een nat jaar is geweest.

De kosten voor zuiveringsbeheer lagen met ruim 1,4 miljard euro 29 procent hoger dan in 2021 (ruim 1,1 miljard euro). De stijging is flink meer dan de inflatie in deze periode (18 procent). De forse toename van de kosten wordt vooral toegeschreven aan hogere energieprijzen en duurdere hulpstoffen. Zo zijn de energiekosten meer dan verdubbeld en stegen de kosten van hulpstoffen voor het zuiveren met 39 procent.

Het gemiddelde zuiveringstarief bedroeg in 2024 76,30 euro per vervuilingseenheid. Ten opzichte van 2021 betekent dit een stijging met 26 procent (2021: 60,44 euro). De stijging van het tarief is dus vergelijkbaar met de stijging van de kosten van zuiveringstechnische werken (29 procent), is de conclusie.

Biogas
In 2024 produceerden de zuiveringen 128 miljoen m3/j aan biogas, een daling ten opzichte van 2021 toen 134 miljoen m3/j werd geproduceerd. In 2024 werd 55 procent van de totale biogasproductie ingezet voor de productie van elektriciteit. In 2021 bedroeg dit aandeel nog 60 procent. Het verschil wordt verklaard doordat steeds meer biogas wordt omgezet in groen gas.

In 2021 leefde nog de verwachting dat de verkoop van zelf opgewekte energie, die toen was vervijfvoudigd, zou doorzetten. Die verwachting is niet uitgekomen. De opbrengsten zijn nauwelijks gestegen (van 22,2 miljoen naar 22,9 miljoen euro). “Dit wordt onder meer veroorzaakt door lagere marktprijzen voor de verkoop van met name gas.”

Lozingseisen
De kwaliteit van het effluent is, afgezet tegen de eisen zoals vastgelegd in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal), nog steeds goed. Het gemiddelde nalevingspercentage, waarmee wordt aangegeven in hoeverre aan de wettelijke lozingseisen wordt voldaan, bedroeg in 2024 97,9 procent. Dat is hoog, maar wel iets lager dan gemiddeld, waar, zo staat in de bedrijfsvergelijking, niet direct een verklaring voor is.

Een tweede indicator voor de kwaliteit van het effluent is het verwijderingsrendement, waarmee wordt aangegeven in hoeverre afvalstoffen uit het rioolwater zijn verwijderd. Het gaat dan met name om stikstof, fosfor en zuurstofbindende stoffen. Het percentage bedroeg vorig jaar 87,5 procent, ook iets lager dan in 2021 (88,1 procent).

Zuiveringsslib
Van het zuiveringsslib werd vorig jaar 77 procent vergist, 1 procentpunt minder dan in 2021 (78 procent). De Unie verwacht dat het percentage de komende jaren zal toenemen, omdat op een aantal grote locaties nieuwe gistingsinstallaties zullen worden gerealiseerd om biogas te produceren. Door steeds meer slib te gaan vergisten zijn de waterschappen er door de jaren heen in geslaagd om de groei in de slibproductie als gevolg van het groeiende hoeveelheid rioolwater te compenseren.

De fosfaatrijke waterstromen die ontstaan na ontwatering van vergist slib worden op 11 zuiveringen behandeld in een struvietreactor. In dit proces werd vorig jaar 138 ton fosfor teruggewonnen. Uit de verbrandingsassen werd nog eens 269 ton fosfor teruggewonnen. Zo kwam het totaal vorig jaar op iets meer dan 400 ton fosfor. “Aanzienlijk meer dan in 2021 toen de totaal teruggewonnen hoeveelheid fosfor bijna 100 ton fosfor bedroeg”, staat in de bedrijfsvergelijking.

In 2024 werd zo’n 3.530 ton aan cellulose uit het rioolwater gehaald. De potentie voor terug te winnen cellulose wordt veel hoger geschat, te weten ruim 340.000 ton. Op twee zuiveringen wordt de biobased grondstof Kaumera teruggewonnen. Van het biopolymeer is vorig jaar 10 ton in de markt gezet.  

Tags: Actueel

Meer in Actueel

Bekijk alles

Meer van Tim Koorn

Bekijk alles

Van onze partners

Meer inzicht in uw installatie

Meer inzicht in uw installatie

Digitalisering speelt een steeds grotere rol binnen de procesindustrie. Moderne instrumentatie levert niet alleen meetwaarden, maar ook diagnostische informatie en gegevens over de conditie van apparatuur. Bedrijven beschikken daardoor over

Door Tim Koorn
/