Een Groningse garnalenverwerker moet zo’n 4 ton aan de Staat betalen ter compensatie van afvalwaterzuiveringskosten die het bedrijf niet gemaakt heeft door stikstofrijk afvalwater illegaal op oppervlaktewater te lozen. Dat oordeelde de rechtbank in Zwolle eind mei op basis van rekenwerk van Waterschap Noorderzijlvest. Deze zogeheten ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, die zeldzaam in zijn soort is, is niet onopgemerkt gebleven bij andere waterschappen.
Aanleiding voor de ontneming waren overtredingen die het bedrijf in 2019 beging. Dat jaar overschreed het bedrijf de maximale jaarvracht stikstof die het volgens zijn vergunning mocht lozen en hield het zich niet aan rapportageverplichtingen jegens Noorderzijlvest. Omdat de rechtbank bewezen acht dat het bedrijf deze overtredingen met opzet beging, legde ze het bedrijf een geldboete van 10.000 euro op – tot zover een zaak als vele anderen.
Bijzonder is echter dat het Openbaar Ministerie daarbovenop ook de transport- en zuiveringskosten heeft gevorderd, die het bedrijf bespaarde door zijn bedrijfsafvalwater niet af te voeren naar een erkende verwerker maar het stilzwijgend zelf te blijven lozen terwijl de vergunde stikstofvracht al was overschreden.
Wederrechtelijk verkregen voordeel
De zaak betreft een zogeheten ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Wanneer door strafbaar handelen kosten worden uitgespaard, kan het OM eisen dat de veroordeelde dit geld aan de Staat betaalt. Bij de vaststelling van het genoten economisch voordeel kunnen alleen bewezenverklaarde feiten worden betrokken.
Ontnemingszaken zijn zeldzaam in de context van lozingen van afvalwater. Voor Noorderzijlvest was het voor het eerst dat de officier van justitie het waterschap verzocht een inschatting van wederrechtelijk verkregen voordeel te maken. Gehoor gevend aan dit verzoek becijferde het waterschap wat het anno 2019 gekost zou hebben om het betreffend afvalwater naar rwzi Garmerwolde te vervoeren en aldaar te verwerken, en kwam uit op 469.805 euro. Omdat het bedrijf in verweer echter aandroeg dat het (intern) wel operationele kosten heeft gemaakt voor de lozing van betreffend afvalwater, is de vordering gematigd tot 389.805 euro – vooralsnog een flink bedrag, dat van een andere orde is dan de geldboetes die voortvloeien uit \'reguliere\' strafzaken.
“Wat we uit deze casus meenemen is dat we hier een extra aanknopingspunt zien om bedrijven preventief te informeren over de consequenties van illegale lozingen”, zegt Nadia Oukake, communicatieadviseur bij Noorderzijlvest.
Eyeopener
De uitspraak van de rechtbank Zwolle was een eyeopener voor Michiel de Groote, projectleider intensivering handhaving waterkwaliteit bij het Hoogheemraadschap van Delfland en docent bij Waterschapsland, een team juristen dat cursussen voor waterschappen verzorgt. “Ik houd al jaren de rechtspraak bij, en merk dat de strafrechtkolom van de waterschapshandhaving vastloopt in geldboetes die niet veel voorstellen. Als jij een miljoenenbedrijf hebt en je moet een boete van 5.000 euro betalen, dan lig je daar niet wakker van. Bij een ontneming kan het echter al gauw om tonnen gaan. Dat doet veel meer pijn en heeft een grotere afschrikkende werking."

Michiel de GrooteGeïnspireerd door de zaak van Noorderzijlvest, wil Delfland meer werk gaan maken van ontnemingen, aldus De Groote. Hoewel de voordeelsberekening in de garnalencasus namelijk op verzoek van het OM gebeurde, kunnen waterschappen die gegevens ook uit eigen beweging bij het OM aanleveren.
“Dat hééft het OM ook graag. Het OM staat altijd open voor input over ontnemingen”, aldus De Groote. “Dus denk vooruit en denk mee met het OM. De vraag of en zo ja welk financieel voordeel een bedrijf mogelijk behaald heeft bij het plegen van een strafbaar feit, zou standaard in de verhoorplannen van waterschapsboa’s moeten komen. Ik heb de ontnemingszaak van Noorderzijlvest onlangs nog besproken met vijftien medewerkers van het ministerie van Justitie tijdens een seminar, en ook zij zeiden: hier ligt nog zo veel winst, hier moet je als waterschap meer prioriteit aan gaan geven.”
In het kielzog van een nieuw projectplan voor intensivering van zijn handhavingsstrategie op het gebied van waterkwaliteit, gaat Delfland dan ook aandacht schenken aan ontneming. Actievere toepassing van het instrument past in de wens van het Delflands bestuur om alles uit de kast te halen om de bestaande regels en instrumenten zo goed mogelijk te benutten.
Hoe komt het dat ontnemingszaken tot dusver zo zeldzaam zijn geweest in de context van afvalwaterlozingen? De Groote: “Voor een deel denk ik dat dat in capaciteitsgebrek zit, maar voor een deel ook in onbekendheid met het instrument. Maar als één waterschap de mogelijkheden even op een rijtje zet, en dat voornemen hebben wij als Delfland, dan brengen we elkaar weer een stukje verder.”
Unie van Waterschappen
Hoe kijkt de Unie naar deze ontwikkeling? “De maatschappelijke en bestuurlijke urgentie om de waterkwaliteit te verbeteren is groot. Het is daarom goed dat waterschappen kritisch kijken naar hun volledige handhavingsinstrumentarium, en we zien dat de belangstelling voor ontneming toeneemt”, zegt Jurjen Jongepier, woordvoerder van de Unie van Waterschappen. “De inzet van een zwaar middel als ontneming kan in ernstige gevallen gerechtvaardigd zijn, mits proportioneel en zorgvuldig toegepast. De afweging moet altijd passen bij de ernst van de overtreding, de mate van verwijtbaarheid, het maatschappelijk belang en het politiek-bestuurlijke draagvlak.”
STRAFRECHTELIJKE HANDHAVING
Bij het handhaven van wet- en regelgeving kunnen waterbeheerders (de waterschappen en Rijkswaterstaat) zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk handhavend optreden. Bestuursrechtelijke sancties zijn bijvoorbeeld het intrekken of schorsen van een beschikking, opleggen van een last onder dwangsom, opleggen van een last onder bestuursdwang, of opleggen van een bestuurlijke boete.
Strafrechtelijke sancties komen in beeld wanneer een buitengewoon opsporingsambtenaar (boa) een strafbaar feit vermoedt of constateert. De boa kan dan een proces-verbaal opmaken. Het Openbaar Ministerie (OM) beslist of op basis daarvan een strafvervolging wordt ingesteld. Dit kan leiden tot sancties als een geldboete, werkstraf, gevangenisstraf, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, publicatie van het vonnis, stillegging van de onderneming of verbeurdverklaring.
Bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving bestaan naast en los van elkaar, maar kunnen gelijktijdig worden toegepast voor eenzelfde feitenrelaas.
LEES OOK