Ga naar inhoud

Passive sampling van rioolwater nu ook geschikt voor aantonen van het bofvirus

Door Tim Koorn
Passive sampling van rioolwater nu ook geschikt voor aantonen van het bofvirus
E\u00e9n van de passive samplers die in het onderzoek gebruikt zijn | Foto GGD Noord- en Oost-Gelderland
Gepubliceerd:

Onderzoekers van de GGD, KWR Water Research Institute, Partners4UrbanWater en het Erasmus Medical Center hebben laten zien dat de aanwezigheid van het bofvirus kan worden aangetoond in rioolwater. Dat meldde de GGD Noord- en Oost-Gelderland deze week. 

Aanleiding voor het onderzoek was een opvallend laag aantal gemelde infecties bij een uitbraak van de bof in Noordoost-Gelderland, eind 2023. “We hadden de indruk dat er in de onderzochte gemeente veel meer aan de hand was dan gemeld’’, zegt Loes Jaspers, arts infectieziektebestrijding bij de GGD, daarover in De Gelderlander. “We kregen er geen grip op.’’

Tijdens de uitbraak signaleerden huisartsen dat vermoedelijk niet iedereen met klachten zich meldde, waardoor men geen goed zicht had op de werkelijke omvang van de uitbraak. Dit heeft er onder andere mee te maken dat de ziekte veelal mild verloopt, waardoor mensen het virus ook bij zich kunnen dragen zonder zich daarvan bewust te zijn. Omdat dergelijke onderreportage het moeilijk maakt om in te schatten welke maatregelen passend zijn om een uitbraak te beheersen, rees de vraag of rioolwateronderzoek een behulpzame aanvulling op klinische diagnostiek kan zijn.

Passive sampling
Met rioolwateronderzoek zou het bofvirus immers kunnen worden opgemerkt niet alleen in de urine en ontlasting van mensen bij wie de bof al is vastgesteld, maar ook in die van geïnfecteerde mensen die nog geen symptomen vertonen of bij wie de ziekte asymptomatisch verloopt. Eerder is rioolwateronderzoek al bruikbaar gebleken voor het detecteren van bijvoorbeeld de virussen die polio, mazelen, hepatitis A en COVID-19 veroorzaken. Ook was al bekend dat het bofvirus kan worden aangetoond in de urine van besmette patiënten. Of het echter ook kon worden aangetoond in een complexe matrix als rioolwater, was nog een vraagteken. 

De uitbraak van november 2023 werd daarom aangegrepen om dit te onderzoeken. In het rioolwater afkomstig van gemelde ziektegevallen, een basisschool en naburige gebieden met bevestigde of vermoedde ziektegevallen, plaatsten de onderzoekers passive samplers. Deze werden gedurende 48 uur in het rioolwater gehangen om de hierin aanwezige stoffen te absorberen. “Door de urgentie van de uitbraak die gaande was, was er geen tijd om een passive sampler te ontwikkelen die specifiek toegespitst is op het detecteren van het bofvirus”, aldus de wetenschappelijke publicatie over het onderzoek in het International Journal of Infectious Diseases. Daarom zijn zowel wattenstaafjes alsook membranen (van cellulosenitraat) gelijktijdig getest voor het verzamelen van de benodigde monsters. Uit de resultaten is niet gebleken dat één van beide materialen meer geschikt is dan de ander. 

Passive sampling GGD Noord en Oost Gelderland

Passive sampling | Foto GGD Noord- en Oost-Gelderland

RT-PCR
Het hiermee verzamelde materiaal werd vervolgens onderzocht op de aanwezigheid van RNA van het bofvirus, met behulp van de reverse transcription polymerase chain reaction (RT-PCR). Met deze biochemische reactie kunnen minieme hoeveelheden genetisch materiaal (DNA of RNA) heel snel worden gekopieerd, totdat er genoeg van is om bijvoorbeeld specifieke genen of micro-organismen te kunnen detecteren.

Een vergelijking van de hiermee gemeten gehalten virus-RNA met de aantallen bevestigde en vermoedde ziektegevallen die door huisartspraktijken gemeld waren, laat zien dat het gehalte virus-RNA in rioolwater consistent opliep met de klinische diagnostiek. Naar gelang de uitbraak op zijn retour was, nam ook de concentratie virus-RNA in het rioolwater af. Na de uitbraak werd het virus wekenlang niet meer gedetecteerd, wat de bruikbaarheid van de methode verder bevestigt. In één gemeente bleef de RT-PCR-test wel nog enkele weken een positief signaal geven terwijl het aantal gemelde ziektegevallen afnam, wat kan duiden op een lokale ‘stille overdracht’ van het virus.

Blancoproeven werden gedaan met controlemonsters uit regio Rotterdam, waar op dat moment geen gemelde gevallen van de bof waren. Dat ook deze samples een negatief testresultaat gaven laat zien dat het virus normaliter niet in rioolwater aangetroffen wordt. Een belangrijke bevinding, omdat het bofvaccin een viraal vaccin is, waardoor mensen die pas gevaccineerd zijn het virus zouden kunnen uitscheiden.

Vroegtijdige ontdekking
Uit het onderzoek wordt geconcludeerd dat passive sampling van rioolwater een betaalbare en gemakkelijke methode is die het zicht op de (geografische) spreiding van het bofvirus kan vergroten. Doordat mensen het virus al uitscheiden tijdens de incubatietijd, die zo’n 15 tot 24 dagen duurt, kan rioolwateronderzoek bovendien helpen om een uitbraak vroegtijdig te ontdekken, nog voordat besmette mensen eventuele symptomen vertonen. Dit zou gemeenten kunnen helpen om sneller maatregelen te nemen om verspreiding van het virus te beperken, bijvoorbeeld door vaccinaties aan te bieden, kwetsbare groepen te beschermen of extra voorlichting te geven.

De resultaten van rioolwateronderzoek in kwestie zijn daar tijdens de onderzochte uitbraak zelfs al voor gebruikt. Zo heeft de GGD, gebaseerd op het rioolwateronderzoek, toentertijd een vaccinatiecampagne in betreffende regio overwogen, waar uiteindelijk vanaf gezien is ‘door de religieuze context van de regio’. “Had de uitbraak plaatsgevonden in een andere context,  dan had een vaccinatiecampagne een haalbare optie kunnen zijn, gebaseerd op de resultaten van het rioolwateronderzoek”, aldus de publicatie.  

Een kwantitatieve correlatie tussen het gehalte bofvirus-RNA in rioolwater en het aantal besmette mensen volgt nog niet uit het onderzoek dat nu gedaan is, en zou in een vervolgstudie moeten worden onderzocht. 


DE BOF
De bof (parotitis epidemica) is een matig tot zeer besmettelijke ziekte die kan leiden tot klachten als koorts, verkoudheid, en het opzwellen van één of beide wangen door een ontsteking van speekselklieren. In ernstige gevallen kan de bof leiden tot hersenvliesontsteking, doofheid en onvruchtbaarheid. Tot 1987 kreeg ongeveer 85 procent van de mensen als kind de bof, schrijft het RIVM. Daarvan kregen jaarlijks zo’n 300 tot 800 mensen een hersenvliesontsteking. Daarom zit de vaccinatie tegen de bof sinds 1987 in het Rijksvaccinatieprogramma, als onderdeel van de BMR-vaccins die tegen de bof, mazelen en rodehond beschermen. Sindsdien komt de bof bijna niet meer voor in Nederland, op enkele uitbraken na, bijvoorbeeld in regio’s met een lagere vaccinatiegraad. 

Tags: Actueel

Meer in Actueel

Bekijk alles

Meer van Tim Koorn

Bekijk alles