Demissionair minister Robert Tieman van Infrastructuur en Waterstaat heeft eind juli de jaarlijkse rapportage De Staat van Ons Water (2024) aangeboden aan de Tweede Kamer. De rapportage is onderdeel van de zogeheten Verzamelbrief Water, waarin de minister de Kamer informeert over de stand van zaken binnen het Nederlandse waterdomein. De rapportage biedt een breed overzicht van ontwikkelingen binnen het waterbeleid, variërend van dijkversterking tot waterkwaliteit en natuurherstel.
Een belangrijk onderwerp in de rapportage is het HWBP, dat geldt als de grootste dijkversterkingsoperatie sinds de Deltawerken. De waterschappen versterken dijken met het oog op klimaatverandering en toenemend extreem weer. Voor de periode 2030-2036 wordt een financieel knelpunt van circa 2,5 miljard euro verwacht. Zonder aanvullende middelen dreigt vertraging in de uitvoering van projecten.
Om het HWBP op tempo te houden, hebben de waterschappen eind 2024 toegezegd 1,25 miljard euro extra te investeren. Het Rijk heeft via de Voorjaarsnota nog eens 1 miljard euro beschikbaar gesteld uit het Deltafonds. De waterschappen dringen erop aan ook de resterende 250 miljoen euro vrij te maken, om het programma financieel sluitend te maken.
Ook de waterkwaliteit krijgt aandacht in de rapportage. In lijn met de doelen van de KRW hebben de waterschappen fors geïnvesteerd in rioolwaterzuiveringsinstallaties. Daarmee moeten nutriënten en medicijnresten beter uit het afvalwater te verwijderen zijn. Ondanks de geboekte vooruitgang blijkt uit de tussenevaluatie van de KRW dat de waterkwaliteit nog niet op het gewenste niveau is.
De waterschappen pleiten voor een sterkere beleidsintegratie van waterkwaliteitsdoelen met andere domeinen zoals landbouw en ruimtelijke ordening. Ze vragen nadrukkelijk om een mestbeleid dat in lijn is met de KRW. Volgens de waterschappen moeten stikstofreductie en waterkwaliteitsverbetering hand in hand gaan.
Teleurstelling
In de rapportage klinkt teleurstelling door over het uitblijven van concrete plannen vanuit de ministeriële commissie Economie en Natuurherstel. De commissie is er niet in geslaagd om met een geborgde aanpak voor stikstofreductie en natuurherstel te komen. De waterschappen blijven daarom pleiten voor een integrale benadering waarin waterkwaliteit en natuurherstel structureel zijn ingebed.
De rapportage maakt deel uit van de Verzamelbrief Water, waarin de minister een veelheid aan onderwerpen adresseert, zoals het programma Ruimte voor de Rivier 2.0, de problematiek van PFAS, droogte en de uitvoering van de KRW. Met De Staat van Ons Water wordt jaarlijks verantwoording afgelegd over het gevoerde beleid. De rapportage wordt opgesteld door de partners van het Bestuursakkoord Water: het ministerie van IenW, de Unie van Waterschappen, VNG, IPO en Vewin.
Volgens de minister biedt de rapportage niet alleen inzicht in de behaalde resultaten, maar ook in de kennis en expertise die beschikbaar is voor toekomstige uitdagingen. “Het laat zien dat we nooit klaar zijn. Het laat ook zien dat we heel veel kennis en expertise in huis hebben om met vertrouwen naar de toekomst te kijken”, aldus Tieman.