In aanloop naar het Commissiedebat Water van 24 september roept de Unie van Waterschappen de ministeries van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) en Infrastructuur en Waterstaat (IenW) op tot een coherent waterbeleid zonder tegenstrijdigheden en met speciale aandacht voor landbouwemissies, PFAS en Amerikaanse rivierkreeften.
Op de agenda van het debat, dat oorspronkelijk 17 juni had moeten plaatsvinden, staan onder meer: de Kaderrichtlijn Water, het Programma Integraal Riviermanagement, het Actieprogramma Beschikbaarheid Drinkwaterbronnen 2023-2030, het Hoogwaterbeschermingsprogramma, het Natuurmonumenten-rapport \'De toestand van water in natuurgebieden’, de brandbrief van de Unie van Waterschappen over PFAS, en herziening van het Programma Noordzee 2022-2027.
In de input die de Unie van Waterschappen voor dit debat wil meegeven constateert de koepel ‘dat het ontbreekt aan een visie en integraal beleid’ op het gebied van waterkwaliteitsdoelstellingen. Voor de verbetering van oppervlaktewaterkwaliteit vinden de waterschappen dat er met name gefocust moet worden op de negatieve invloeden van landbouwemissies, PFAS en Amerikaanse rivierkreeften.
Mestvrije bufferstroken
In haar brief laat de Unie zich kritisch uit over het concept voor het ‘8e actieprogramma Nitraatrichtlijn 2026-2029’, dat de ministeries van LVVN en IenW deze zomer ter inzage legden. Dit programma beschrijft hoe de ministeries de komende 4 jaar beogen invulling te geven aan de Europese Nitraatrichtlijn uit 1991. Het concept oogstte van verschillende kanten al kritiek omdat het onvoldoende bescherming voor oppervlaktewateren zou bieden. Zo dienden vereniging van waterbedrijven Vewin, Waterschap Noorderzijlvest en Mobilisation for the Environment (de stichting van Johan Vollenbroek) zienswijzen in.
In haar inbreng voor het commissiedebat signaleert de Unie van Waterschappen dat het actieprogramma ten aanzien van het mestbeleid niet toetst aan het risico op achteruitgang (van de chemische en ecologische toestand van waterlichamen, red.). Achteruitgang van deze toestand is verboden op grond van de Kaderrichtlijn Water (KRW).
Ook toont de Unie onbegrip voor het voorstel van het concept-actieprogramma om mestvrije bufferstroken naast watergangen te versmallen in gebieden waar de doelen uit de Nitraatrichtlijn (net) gehaald worden. Hierover schrijft het actieprogramma: “Het bedrijfseffect van het versmallen van de bufferstroken is voor de landbouwers positief. Zij zullen door deze versmalling op een groter aandeel van hun percelen kunnen bemesten waardoor de gewasopbrengst van het perceel zal toenemen. Indien landbouwers een mestoverschot hebben, hoeven zij ook een minder groot deel van de mest af te voeren.” De Unie wijst erop dat mestvrije bufferstroken juist een effectieve maatregel zijn die bijdraagt aan het bereiken van KRW-doelstellingen.
Volgens de Unie zijn het sprekende voorbeelden van de samenhang die ontbreekt om doelstellingen op het gebied van de KRW, stikstof, mest en gewasbeschermingsmiddelen te halen. "Kan de minister van I&W in gesprek gaan met zijn LVVN-collega over de samenhang tussen deze doelen?", vraagt de Unie in haar inbreng.
Landelijk PFAS-coördinator
Ook in PFAS-verband roepen de waterschappen op tot meer samenhang: zowel in het opzicht van het nationaal normenkader als in internationale samenwerking. Er moeten concrete afspraken komen met België en Duitsland, en ‘tempo en daadkracht moeten omhoog’.
In lijn met haar eerdere brandbrief van november 2024 herhaalt de Unie verder haar oproep tot een totaalverbod op PFAS en meer regie vanuit het Rijk bij de aanpak van PFAS-emissies. Graag zouden de waterschappen zien dat een landelijk PFAS-coördinator wordt aangesteld, die zich volledig richt op de afstemming met decentrale overheden.
Amerikaanse rivierkreeften
Ook wordt aangedrongen op het bestrijden van Amerikaanse rivierkreeften. Gedoeld wordt op onder andere de geknobbelde, gevlekte en rode soorten, die in Nederland gevestigd zijn en op de Unielijst van invasieve exoten staan. Europese lidstaten zijn verplicht de in de natuur aanwezige populaties van deze soorten op te sporen en verwijderen. Lukt dat niet, dan moeten populaties zodanig beheerd worden dat verspreiding en (milieu)schade zoveel mogelijk wordt beperkt.
In haar inbreng voor het commissiedebat wijst de Unie erop dat Amerikaanse rivierkreeften een slechte invloed hebben op de waterkwaliteit, onder andere door hun gegraaf in de waterbodem. Dit eutrofieert (overvoedt) de waterkolom en vertroebelt het water, waardoor waterplanten niet meer genoeg zonlicht vangen.
De waterschappen willen daarom dat de uitheemse kreeften tot beheersbare populaties worden teruggebracht. De voor- en nadelen van het eventueel onderbrengen van de verantwoordelijkheid hiervoor bij (onder andere) de waterschappen wordt momenteel onderzocht. Tot dit uitgezocht is, vragen de waterschappen de minister van IenW om de staatssecretaris van LVVN op te roepen om geld en capaciteit vrij te maken voor het bestrijden van de kreeften.
LEES OOK
H2O Actueel: Landsadvocaat: Nederland loopt juridische risico’s door normoverschrijdingen bestrijdingsmiddelen en nutriënten
H2O Actueel: 26 nieuwe invasieve exoten op de Unielijst: wie zijn ze en wat doen ze?