Eerder al gingen er blokken kleidijk uit het Waddengebied op transport naar Delft, nu wordt ook de klei van een West-Brabantse zeedijk aan een serie proeven in de Deltagoot onderworpen. Waterschap Brabantse Delta wil hiermee onderzoeken in hoeverre dit soort kleidijken hoge golven kunnen weerstaan.
Met de kennis die dat oplevert moeten dijkversterkingen in de toekomst beter, duurzamer en efficiënter uitgevoerd gaan worden, aldus Brabantse Delta, dat 132 kilometer aan primaire keringen en 186 kilometer aan regionale keringen beheert. Het waterschap werkt voor dit onderzoek samen met het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP), Deltares, Fugro en Arcadis.
Voor de proeven zijn 23 kleiblokken van 2 kubieke meter uitgestoken uit de dijk bij Fort Sabina, ten zuiden van de Volkeraksluizen. Die zijn vervolgens getransporteerd naar de campus van Deltares. Daar is er een dijk mee opgebouwd, die in de Deltagoot blootgesteld wordt aan extreme golven.
Waddengebied
De nieuwe serie proeven maakt deel uit van een langer lopend onderzoek naar de erodeerbaarheid van dijken. Eerdere proefresultaten uit de Deltagoot hadden namelijk aangetoond dat de bestaande methode om de sterkte van klei te bepalen geen goede voorspeller is voor de erosie van kleidijken door golven.
Daarom was het noodzakelijk om een nieuwe methode te ontwikkelen waarmee de erodeerbaarheid – de snelheid waarmee de klei van de dijk erodeert door golven – beter te voorspellen is. Door de erodeerbaarheid van de klei op een dijk te bepalen, kan de sterkte van een dijk tijdens hevige stormen met extreme golven worden berekend.
In het lopende onderzoek is, samen met Waterschap Noorderzijlvest, al zo’n methode ontwikkeld voor klei uit het Waddengebied. De nieuwe proeven dienen om te controleren of dit ook geldt voor zeeklei op andere plekken in Nederland, die een andere samenstelling heeft.
Eigenschappen
Daarvoor is dan wel klei uit een echte dijk nodig, omdat die een ontwikkelde grasmat heeft en onder invloed heeft gestaan van het weer (scheurtjes door zwel en krimp) en van dierlijke activiteit. Ook die zijn van invloed op de erodeerbaarheid.
Naast de testen in de Deltagoot onderzoekt Fugro de klei op een groot aantal eenvoudig te meten eigenschappen. Daaruit rolt dan een methode waarmee de erodeerbaarheid van kleidijken met een beperkt aantal eenvoudige onderzoeken naar de eigenschappen van klei kan worden voorspeld.
Op grond daarvan kan dan bepaald worden hoe dik de kleibekleding met gras op een dijk moet zijn om extreme stormen te kunnen weerstaan. "Dit biedt kansen om dijken groener te maken en om zogenoemde gebiedseigen grond toe te passen", stelt Brabantse Delta. Dat laatste is vaak goedkoper en het bespaart CO2-uitstoot.