Ruud Bartholomeus, de nieuwe hoogleraar Plant Water Stress and Regional Water Management, stelt dat we een een gezond grondwatersysteem kunnen creëren dat als waterbuffer en waterbron kan dienen, als we dat cross-sectoraal aanpakken en water en bodem meer leidend laten zijn.
Deze stelling poneert hij een interview dat is gepubliceerd op de site van het onderzoeksinstituut KWR. Bartholomeus, die 1 juli vorig jaar is begonnen als buitengewoon hoogleraar aan Wageningen University & Research (WUR), hield 14 februari zijn inaugurele rede. Naast zijn aanstelling aan de WUR is hij verbonden aan KWR als Chief Science Officer en hoofdonderzoeker Ecohydrologie.
Bartholomeus was al werkzaam aan de WUR als gastonderzoeker. “Als hoogleraar zal ik meer gaan bijdragen aan het onderwijs van de WUR. Bijvoorbeeld door het perspectief van de praktijk in te brengen in cursusmateriaal, maar vooral door promovendi en stagiaires te blijven begeleiden. Via KWR kan ik die aanvullende link met de waterpraktijk bieden”, zegt hij in het interview.
“Daarnaast biedt de leerstoel nog meer mogelijkheden om aandacht te vragen voor het vraagstuk van een robuuste en duurzame zoetwatervoorziening, waarin de verschillende functies van water in balans zijn én blijven.”
In zijn werk voor KWR en WUR richt zijn onderzoek zich sterk op de beschikbaarheid van zoet water, nu en in de toekomst. “Grondwater gebruiken is spelen met een fragiel evenwicht”, stelt hij. “We hebben cross-sectorale maatregelen nodig om duurzaam in onze watervraag te voorzien. Vaak ligt de oplossing op het grensvlak van het ecologische watersysteem en de waterketen – het gebruik van water door de mens. Want de antropogene watervraag blijft gewoon doorstijgen als we niets veranderen, en dat is niet houdbaar.”
Drie knoppen
Om de menselijke invloed op het watersysteem te verlagen zijn er drie knoppen om aan te draaien, aldus de bijzonder hoogleraar: meer regenwater vasthouden, waterbesparende maatregelen nemen en grondwater actief aanvullen.
Om regenwater zo goed mogelijk te bufferen in de ondergrond, moet de grondwaterstand omhoog, aldus Bartholomeus. “Niet elke functie past dan nog overal, en daarover moet je over de breedte van de maatschappij afwegingen maken. Waar houd je water vast en waarvoor gebruik je drogere en nattere delen van het watersysteem? Keuzes over dergelijke maatregelen kun je alleen op regionale schaal maken.”
Door de waterketen en het hydrologische watersysteem als één systeem te beschouwen, zijn combinaties mogelijk van technische oplossingen en nature based solutions, aldus de wetenschapper. “Kunnen we bijvoorbeeld grondwater dat we gebruiken, en nu na zuivering lozen op het oppervlaktewater, weer gebruiken voor irrigatie, industrie of grondwateraanvulling?”
Belangrijke factoren
Bij dergelijke cross-sectorale maatregelen komen veel aspecten kijken, vult hij aan. "Naast waterkwantiteit natuurlijk waterkwaliteit, maar ook de hele governance.” En hij ziet de kennis daarover groeien in de sector. “De discussie komt op gang en de expertise rond omgevingsmanagement en gebiedsprocessen groeit. Dat zijn allemaal belangrijke factoren om tot duurzame oplossingen te komen.”
Volgens Bartholomeus is de focus nog steeds te veel gericht op beperken van wateroverlast, en te weinig op het inrichten van een robuust systeem dat ons duurzaam van water kan blijven voorzien. “Ik zie de ‘hydro-illogical water cycle’ volop draaien,” zegt hij. “We maken ons zorgen bij droogte, maar zo gauw het weer gaat regenen is het business as usual, waardoor de droogteproblematiek niet wordt opgelost. Dat is een valkuil.”
In zijn rol als wetenschapper vindt hij het zijn taak om verkregen kennis actief uit te dragen. “Selectief shoppen en wensdenken komen overal voor. Als wetenschapper moet je juist de objectieve kennisbasis blijven bieden en tegelijkertijd zorgen dat de resultaten van je onderzoekswerk de wereld in gaan om gebruikt te worden.”