In het Geuldal bij Epen heeft Natuurmonumenten twee historische graften hersteld. Met het terugbrengen van plateaus op de helling en de aanplant van struiken moet regenwater langer vastgehouden worden, minder snel afstromen en krijgt het meer tijd om in de bodem te infiltreren. Daarmee moeten de maatregelen bijdragen aan het beperken van wateroverlast bij hevige buien én aan het tegengaan van verdroging in droge perioden.
Het Geuldal, bekend om zijn bloemrijke graslanden, hellingbossen en houtwallen, kampt steeds vaker met extremen. Bij piekbuien spoelt water snel van de hellingen af richting de Geul, waarbij ook slib en voedingsstoffen van landbouwpercelen worden meegenomen. In langere droge perioden ontstaat juist een tekort aan beschikbaar water. De herstelde graften moeten helpen deze uitersten beter op te vangen.
Eenvoudig principe
Het principe achter graften is eenvoudig, maar effectief. Begroeide randen van plateaus op hellingen vertragen de afstroming van regenwater. “Het is niet uit te drukken in hoeveelheden maar in en rondom de graft blijft water hangen, kan het infiltreren en krijg je een vochtiger milieu”, licht Simone Prinsen, persvoorlichter bij Natuurmonumenten, toe. “In droge situaties kunnen planten (landbouwgewassen) hier gebruik van maken.”
Doordat de graft fungeert als een soort opvang, neemt ook de kans op afspoeling van de toplaag af. “De graft werkt als een ‘vang’ waardoor minder kan is op afspoeling van de toplaag (de bouwvoor). Hierdoor ontstaat er meer infiltratie aan de bovenzijde van de graft”, aldus Prinsen. “Dat is niet alleen gunstig voor de bodemstructuur, maar ook voor het vasthouden van nutriënten op het perceel.” Cultuurhistorisch zijn deze landschapselementen door de eeuwen heen ooit ontstaan door grondgebruik. Door schaalvergroting in de landbouw vanaf de jaren ’50 zijn er veel van deze landschapselementen verdwenen.
Het herstel bij de Volmolen is onderdeel van een bredere zoektocht naar klimaatadaptieve oplossingen die passen bij het Zuid-Limburgse heuvelland. Vanuit het Programma Erfgoed Deal onderzocht Maastricht University welke lessen het historische landschap biedt in het licht van klimaatverandering. Veel graften verdwenen in de afgelopen decennia door schaalvergroting in de landbouw en landschapsveranderingen.
Met middelen uit dit programma kon Natuurmonumenten twee oude graften bij de Volmolen herstellen. “De plateaus zijn opnieuw aangelegd en tijdens de Natuurkrachtdag op 21 november 2025 hebben vrijwilligers verschillende inheemse struiken geplant, waaronder sleedoorn, meidoorn, kardinaalsmuts en hondsroos”, zegt boswachter Paul Wijenberg van Natuurmonumenten. “Naarmate deze beplanting groeit, zal regenwater beter worden vastgehouden en krijgt het meer tijd om in de bodem te zakken.”
De vraag in hoeverre het effect van de herstelde graften meetbaar is, blijft vooralsnog open. “Er zijn wel modellen waarmee gerekend wordt, deze betreffende graften zijn niet doorgerekend”, aldus Prinsen. Wel bestaan er rekenmodellen om hydrologische effecten in beeld te brengen; voor meer inzicht kan bijvoorbeeld Bureau Stroming worden geraadpleegd.
Efficiënt op hellend terrein
Volgens Natuurmonumenten is het herstel van graften echter duidelijk te plaatsen binnen het palet aan klimaatadaptieve maatregelen. “Dit kan zeker worden gezien als een klimaatadaptieve maatregel omdat je extremen van regen en droogte beter kunt opvangen en managen. Met name in hellende terreinen is het efficiënt. In feite brengen we nu de situatie terug naar een oude situatie hoe het ooit was”, stelt Prinsen.
Herstelde graften vragen ook om beheer op de lange termijn. “Een graft heeft onderhoud nodig in de vorm van snoei en kleinschalige kap van struiken en bomen”, aldus Prinsen. “Ongeveer elke 10 jaar is er onderhoud nodig en wordt een deel van de begroeiing op de graft gekapt. Dit deel loopt het jaar erna gewoon weer uit.” Die gefaseerde aanpak moet zorgen voor variatie in leeftijd van planten en struiken, wat gunstig is voor flora en fauna.
Naast waterhuishouding moet het project ook ecologische en landschappelijke winst opleveren. De graften vormen groene verbindingszones voor soorten als hazelmuis, grauwe klauwier en diverse insecten. Voor recreanten worden de karakteristieke groene lijnen van het Geuldal weer zichtbaarder, waarmee ook het cultuurlandschap aan kwaliteit wint.