Tijdens de commissievergadering Waterketen en Waterkwaliteit van Waterschap De Dommel op woensdag 7 mei, uitte de fractie van BoerBurgerBeweging (BBB) forse zorgen over de gevolgen van de zogeheten KRW-impuls voor het Brabantse buitengebied.
De KRW-impuls is een pakket maatregelen om de waterkwaliteit in Brabant te verbeteren, in lijn met de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). In het Brabantse buitengebied richt het programma zich op het herstel van beken, het verbeteren van de bodem- en waterhuishouding en het tegengaan van vervuiling uit landbouw en verhard oppervlak. De maatregelen kunnen ingrijpend zijn voor boeren, omdat ze onder meer gevolgen hebben voor het gebruik van landbouwgrond in kwetsbare gebieden zoals beekdalen. De plannen zijn opgesteld in samenwerking met de provincie Noord-Brabant en alle Brabantse waterschappen.
Volgens BBB De Dommel brengen ze echter aanzienlijke risico’s met zich mee voor boerenbedrijven en landbouwgrond in de regio. Fractielid Mark van de Ven benadrukte dat het waterschap niet om de maatschappelijke gevolgen van het KRW-beleid heen kan. Hoewel het dagelijks bestuur van het waterschap opriep zich in de discussie te beperken tot zaken waarvoor het waterschap direct verantwoordelijk is, stelt Van de Ven dat de provinciale koers onlosmakelijk verbonden is met de uitvoering van waterschapsprojecten. “Dat heeft flinke gevolgen voor boeren en het platteland. Daar kunnen en willen wij niet zomaar aan voorbijgaan”, aldus Van de Ven.
De BBB-fractie gaf verder aan dat het Algemeen Bestuur te weinig betrokken is geweest bij de voorbereiding van de plannen. Van de Ven stelde dat de beschikbare tijd om het voorstel goed te bestuderen ontoereikend was. “In zo’n kort tijdsbestek is het bijna onmogelijk om je voldoende voor te bereiden op zo’n belangrijk onderwerp.”
Attentiezone waterhuishouding
Uit berekeningen van de fractie blijkt dat in de zogeheten ‘attentiezone waterhuishouding’ mogelijk 4.473 hectare bouwland verloren gaat. Wanneer ook beekdalen en hoge zandgronden worden meegerekend, loopt dat volgens de fractie op tot bijna 9.000 hectare. Daarnaast wijzen ze op aanvullende maatregelen die betrekking hebben op grasland. In totaal zou 18.000 hectare grasland binnen de attentiezones geraakt worden, waarvan 12.000 hectare in de beekdalen. “Het beheren van dit grasland komt door de aanvullende maatregelen ook onder druk te staan”, zei Van de Ven.
De BBB-fractie wees er bovendien op dat veel boeren in Brabant al jarenlang maatregelen nemen om de waterkwaliteit te verbeteren. Volgens Van de Ven ligt het nitraatgehalte op veel plekken in het grondwater al ruim onder de norm. “Deze boeren leveren dus juist schoon water, dat bijdraagt aan het aanvullen van onze watervoorraden. Toch krijgen zij daar op dit moment geen beloning voor.”
De fractie stelde kritische vragen bij het KRW-beleid. “Als boeren verdwijnen door deze maatregelen, wat blijft er dan over van het Brabantse landelijk gebied? Wat zijn de maatschappelijke kosten? En is dit wel de juiste weg in een tijd waarin we juist meer zelfvoorzienend willen zijn?” BBB De Dommel riep het dagelijks bestuur op om bij de verdere uitwerking van het beleid nadrukkelijk rekening te houden met de maatschappelijke gevolgen, zoals het verdwijnen van landbouwgrond en boerenbedrijven. De fractie pleit voor het opstarten van lokale proeven in beekdalen, om samen met boeren te meten welke maatregelen daadwerkelijk effect hebben.
Ook vraagt de partij om meer duidelijkheid over doelen, inzicht in wat per gebied al is bereikt en een herziening van de normen op basis van lokale omstandigheden. Tot slot wil de fractie dat de strategienota apart wordt behandeld, los van andere beleidsdocumenten, zodat deze volgens hen eerlijker en zorgvuldiger beoordeeld kan worden. “Wij blijven ons inzetten voor een waterbeleid dat eerlijk is, uitvoerbaar blijft én waarin ook de positie van boeren wordt gerespecteerd”, zei Van de Ven.