Met het doorknippen van een symbolisch lint in Bodegraven kwam vorige week een eind aan tien jaar arbeid aan sluizen, bruggen, watergangen en gemalen in Utrecht en Zuid-Holland door Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden en Hoogheemraadschap Rijnland. De werkzaamheden markeren een forse uitbreiding van het zogeheten Klimaatbestendige Wateraanvoersysteem (KWA), waarmee de zoetwatervoorziening richting het westen van Nederland bij droogte is verdubbeld.
De aanleiding voor deze ingreep is dat in de regio bij langdurige droogte verzilting van landbouwgronden en schade aan funderingen, dijken en kwetsbare natuur dreigt. Daarom is in het kader van het Deltaprogramma de afgelopen tien jaar gewerkt aan een versterkte aanvoer van zoetwater vanuit het Amsterdam-Rijnkanaal en de Lek.
Tien projecten verspreid over drie hoofdtrajecten moesten de capaciteit vergroten. In onder andere Utrecht, Nieuwegein, Woerden en Bodegraven zijn weteringen verbreed, knelpunten bij sluizen opgelost en gemalen aangepast. Het resultaat: de maximale aanvoer van zoetwater is toegenomen van 7 naar 15 kubieke meter per seconde. Ter vergelijking: dat zijn twee olympische zwembaden per minuut. De totale investering bedroeg ruim 30 miljoen euro, volledig bekostigd vanuit het Deltafonds.
“Mooi dat we vandaag stilstaan bij de maatregelen die we de afgelopen jaren hebben genomen om in droge tijden extra zoetwater aan te kunnen voeren”, zei deltacommissaris Co Verdaas tijdens de afsluiting. “Dit is belangrijk voor onze landbouw, om bodemdaling te voorkomen, voor de natuur en voor de bedrijven die zoetwater nodig hebben.”
Vaker watertekorten
De boodschap van Verdaas was echter niet louter feestelijk. De deltacommissaris wees erop dat Nederland zich moet voorbereiden op een toekomst waarin watertekorten steeds vaker voorkomen. “We zullen in de toekomst vaker te maken krijgen met watertekorten. Daar zullen we ons op moeten aanpassen, door water slim te verdelen, de vraag terug te schroeven en voor een deel ook verzilting te accepteren. Lastige keuzes voor bestuurders op alle niveaus.”
Verdaas zei verder dat er al ondernemers zijn die vooruitlopen op deze ontwikkelingen. “Ik heb in ons land al prachtige voorbeelden gezien van ondernemers die zich, bijvoorbeeld op Schouwen-Duiveland of in de Achterhoek, aanpassen aan verdroging. Die ondernemers vragen van overheden wel duidelijkheid en perspectief. Keuzes maken en richting geven: dat is de verantwoordelijkheid waar we voor staan.”
De uitbreiding van het KWA-systeem is geen losstaand project. De oorsprong ligt in het beruchte droogtejaar 1976, toen het neerslagtekort zulke vormen aannam dat een alternatief aanvoersysteem voor zoetwater noodzakelijk werd. Sindsdien is het systeem meerdere malen in werking gezet, onder meer in 1993, 2003, 2011, 2018 en 2022.
Dat de urgentie nog steeds hoog is, blijkt uit de huidige situatie. Het neerslagtekort liep tot een week geleden op tot het niveau van het recordjaar 1976.