Onderzoek van de Universieit Twente toont aan dat bijna 70 procent van de klimaataanpassingsplannen in Europese steden inconsistenties bevat. Dat blijkt uit een grootschalige analyse van 167 lokale plannen in Europa. De gebrekkige samenhang tussen doelen, risicoanalyses en maatregelen maakt de aanpak van klimaatrisico’s ineffectief en vergroot de kans op zogenoemde ‘maladaptatie’ - situaties waarin maatregelen onbedoeld meer kwaad dan goed doen.

Diana Reckien“Nu Europa twee keer zo snel opwarmt als andere continenten, vormt deze \'aanpassingskloof\' een steeds grotere bedreiging voor de 75 procent Europeanen die in steden wonen”, zegt Diana Reckien, onderzoeker aan de Universiteit Twente en hoofdauteur van de studie. Samen met een internationaal team van wetenschappers ontwikkelde zij een beoordelingskader voor de interne consistentie van klimaatadaptatieplannen.
De analyse laat zien dat 52 procent van de plannen sectorale risico’s volledig afstemt op concrete maatregelen. Hoewel dat een positief signaal lijkt, betekent het ook dat 48 procent risico’s benoemt zonder passende acties te formuleren. Opvallend is bovendien dat bijna de helft van de sectorspecifieke maatregelen - met name op het gebied van milieu en waterbeheer - wordt ingevoerd zonder voorafgaande risicobeoordeling.
Kwetsbare groepen
Slechts 1 procent van de plannen betrekt kwetsbare groepen zoals ouderen, mensen met een laag inkomen of etnische minderheden daadwerkelijk bij de planontwikkeling. Volgens de onderzoekers wijst dit op een ernstig tekort aan aandacht voor sociale gelijkheid in stedelijke klimaatstrategieën. Regionale patronen vallen ook op: plannen uit Oost-Europese steden zijn overwegend recenter, maar besteden nauwelijks aandacht aan sociaal kwetsbare groepen. In Noord-Europa en het Verenigd Koninkrijk dateren de plannen vaak van langer geleden en blijkt de afstemming tussen klimaatrisico’s en aanpassingsdoelen ondermaats.
“Steden maken vaak een aanpassingsplan om daar een vinkje bij te kunnen zetten op hun takenlijst”, zegt Reckien. “Maar als je goed kijkt, zie je dat veel plannen niet op elkaar zijn afgestemd of onvolledig zijn. Vooral als het gaat om de bescherming van kwetsbare bevolkingsgroepen.” De onderzoekers concluderen dat ondanks decennialange institutionele inspanningen, veel Europese steden worstelen met de vertaling van klimaatbeleid naar concrete, gecoördineerde actie. Ze waarschuwen dat het gebrek aan consistentie beleidsdoelen ondermijnt en kunnen leiden tot verspilling van middelen.
Om dit te voorkomen, pleiten de auteurs voor een betere integratie van risicobeoordelingen in de planvorming, expliciete aandacht voor sociale kwetsbaarheden en transparante participatie- en monitoringsprocessen. “Klimaatadaptatie moet verder gaan dan papierwerk”, aldus Reckien. “Zonder consistente, inclusieve en op feiten gebaseerde planning lopen we het risico dat we onze meest kwetsbare gemeenschappen achterlaten.”