CO₂ domineert het klimaatdebat, maar een ander broeikasgas is per molecuul veel krachtiger: methaan. De concentratie ervan in de atmosfeer blijft stijgen. Methaan komt vrij bij olie- en gaswinning, uit veeteelt en vuilnisbelten, maar ook uit moerassen, rivieren en meren. Juist die laatste bron bleef lang buiten beeld. In Focus duikt presentator Petra Grijzen in deze blinde vlek. De aflevering Het vergeten broeikasgas is op dinsdag 27 januari te zien bij de NTR op NPO 2.
De uitzending laat zien hoe breed het onderzoek naar methaan inmiddels is geworden. Wetenschappers zoeken naar manieren om emissies beter te meten én te verminderen. Daarbij verschuift de aandacht steeds meer naar bronnen die tot voor kort als ‘natuurlijk’ en daarmee onvermijdelijk werden gezien. Op wereldschaal speurt aardatmosfeeronderzoeker Jochen Landgraf naar grote methaanuitstoters. Met satellieten brengt hij emissies uit olie- en gaswinning en andere hotspots in beeld. Zijn team bij Space Research Organisation Netherlands werkt aan een nieuwe satelliet die nauwkeuriger kan vaststellen waar methaan vrijkomt. Die informatie is cruciaal voor internationale afspraken en handhaving.
Emissiearme koeien
Dichter bij huis kijken onderzoekers van Wageningen University & Research naar de landbouw. Anouk van Breukelen en Sanne van Gastelen werken aan emissiearme koeien. Door slim te fokken en het dieet aan te passen, onderzoeken zij of koeien minder methaan kunnen uitstoten. Het is een zoektocht naar praktische ingrepen die passen binnen bestaande landbouwsystemen. Een relatief nieuw onderzoeksveld is methaan uit binnenwateren. Tenslotte komt aquatisch ecoloog Sarian Kosten aan het woord. Zij onderzoekt aan de Radboud Universiteit de opborrelende methaanbellen die uit meren en rivieren komen. In bepaalde waterplanten ziet zij mogelijkheden om die uitstoot te beperken.

Sarian Kosten
Dat dit onderwerp zo lang buiten beeld bleef, heeft volgens Kosten meerdere oorzaken. “Methaanemissies uit oppervlaktewater zijn lang onderschat omdat het klimaatbeleid traditioneel sectoraal is ingericht. Klimaatbeleid richtte zich primair op energie, landbouw en industrie, terwijl waterbeleid vooral focuste op waterkwaliteit, veiligheid en ecologie.” Daarbij speelde ook de meetbaarheid een rol. “Ook liep de ontwikkeling van meetmethoden en -apparatuur iets achter bij die van CO₂. Methaan werd vaak gezien als een lokaal, natuurlijk proces zonder grote beleidsrelevantie.” Inmiddels is dat beeld gekanteld. “Pas recent is duidelijk geworden dat binnenlandse wateren substantieel kunnen bijdragen aan de broeikasgasbalans.”
Volgens Kosten is er daarbij geen fundamenteel spanningsveld tussen waterbeheer en klimaatmitigatie. Integendeel. “Ik denk juist dat het samen kan gaan. ‘Gezonder water’, dat wil zeggen water met weinig nutrienten, een beperkte sliblaag en voldoende zuurstof stoot minder methaan uit. Als we de kaderrichtlijndoelen halen, dan werken we daarmee ook aan de klimaatdoelen.” Ze pleit ervoor om methaan explicieter mee te nemen in waterbeheer. “Methaanemissies uit oppervlaktewater verdienen expliciete aandacht binnen kaders zoals de Kaderrichtlijn Water en regionale klimaatstrategieën.” Daarbij waarschuwt ze voor extra bureaucratie. “Niet als extra administratieve last, maar als aanvullende indicator die helpt om waterkwaliteit, ecologie en klimaatdoelen beter op elkaar af te stemmen.”
Waterplanten als deel van de oplossing
Een veelbelovende route ligt volgens Kosten bij nature-based solutions. “Veelbelovend, mits context specifiek toegepast. Sommige waterplanten bevorderen zuurstoftransport naar de bodem of stimuleren methaanoxidatie door micro-organismen. Dit kan emissies aantoonbaar verlagen.” Vooral in sloten, plassen en stedelijk water ziet zij kansen. “Ze zijn geen wondermiddel, maar kunnen wel onderdeel zijn van een bredere maatregelenset.” Dat geldt ook voor wetlands en veengebieden. “Het onderstreept dat ontwerp en beheer cruciaal zijn. Niet alleen het waterpeil telt, maar ook vegetatiesamenstelling, waterdynamiek en nutriëntenbelasting.”
Wie verantwoordelijk is voor methaan uit water, is nog niet helder. “Het eigenaarschap is diffuus”, zegt Kosten. “Waterbeheerders voelen zich primair verantwoordelijk voor waterkwaliteit en veiligheid, natuurorganisaties voor ecologie, en klimaatbeleid kijkt vooral naar landgebruik en energie.” Toch komt er beweging in. “In Nederland zijn we vorig jaar wel begonnen met het rapporteren van methaanemissies uit oppervlakte wateren. Dit gebeurt nog op een vrij grove manier, maar het is een belangrijk begin.”
Haar boodschap aan waterbeheerders en beleidsmakers: “Erken methaan uit watersystemen als relevante en in bepaalde mate stuurbare emissiebron.” En: “Investeer in kennis en pilots, zodat keuzes gebaseerd zijn op inzicht en praktijkervaring en niet op aannames.”