Waterschap Aa en Maas heeft haar richtlijnen voor het inkoop- en aanbestedingsbeleid vernieuwd. De nadruk komt te liggen op de pijlers social return, meer kansen voor het lokaal en regionaal midden- en kleinbedrijf, en maatschappelijk verantwoord inkopen.
Waterschappen investeren jaarlijks honderden miljoenen euro\'s. Daarbij kan het gaan om grotere opdrachten voor het bedrijfsleven, zoals het vernieuwen van waterzuiveringen of dijkverzwaringsprojecten, maar ook om kleinere onderhoudsklussen. Ook koopt een waterschap concrete producten in, variërend van kantoorbenodigdheden tot werkkleding of materieel.

Joël ScherrenbergDaarbij gelden (Europese) aanbestedingsregels. Ook zijn er regels rondom social return, die bepalen dat een deel van de aanbestedingssom moet worden gebruikt om werk te creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Landelijk geldt ook een uniform inkoop- en aanbestedingsbeleid voor alle waterschappen “Met onze vernieuwde richtlijnen voor het inkoop- en aanbestedingsbeleid proberen we binnen deze landelijke kaders eigen accenten te zetten”, legt Joël Scherrenberg uit. Hij is lid van het dagelijks bestuur van waterschap Aa en Maas.
“Met dit vernieuwde beleid formaliseren we een weg die we al eerder hebben ingeslagen”, vervolgt Scherrenberg. “Onze oude richtlijnen waren tien jaar oud, maar we werkten de afgelopen periode ook al anders dan een decennium geleden. Waar het om gaat is dat we de doelstellingen van de landelijke kaders volledig onderschrijven en eigen accenten te leggen, die passen bij onze ambities en bij de uitdagingen in onze regio.”
Drie elementen spelen een belangrijke rol in het vernieuwde beleid van Aa en Maas. Waar het gaat om social return, wil het waterschap dat niet alleen maar wordt gekeken naar het creëren van nieuwe werkgelegenheid. “Het blijft belangrijk dat er werkplekken komen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, maar het is ook belangrijk dat kleinere werkgevers, of bedrijven zonder medewerkers, ook een kans hebben om mee te dingen naar onze opdrachten. Daarom hebben we ruimte gecreëerd om die social return anders in te vullen. Denk aan een loonwerker zonder personeel, die bijvoorbeeld bereid is om in het weekend zonder vergoeding maatschappelijke werkzaamheden te verrichten.”
Scherrenberg vindt het ook belangrijk dat het lokale en regionale midden- en kleinbedrijf meer kans krijgt om opdrachten voor het waterschap te vervullen. “Nogmaals, we blijven vanzelfsprekend binnen de aanbestedingsregels. Het gaat om scherpe keuzes bij het formuleren van opdrachten, waardoor het regionale bedrijfsleven wat meer ruimte krijgt. Dat vinden we belangrijk, omdat we als waterschap geloven in de kracht van onze ingezetenen. We vragen veel van hen, als het gaat om het geld en het accepteren van keuzes. Dan is het goed om als het ware iets terug te kunnen doen, waar dat kan.”
Bij de inkoop van concrete producten, wil het waterschap steeds de balans zoeken tussen kosten, kwaliteit en maatschappelijke waarde. “Ooit ging aanbesteden alleen om de laagste prijs. Er is al een omslag gaande naar de focus op de beste prijs. Bij de aanschaf van goederen en diensten spelen meerdere criteria een rol. Het gaat om gemeenschapsgeld, dus de kosten zullen altijd meespelen, maar we wegen ook of een aanschaf bijdraagt aan bijvoorbeeld duurzaamheid en circulariteit. Per aanbesteding willen we daar goede en heldere keuzes in maken.”