Het algemeen bestuur van Waterschap Drents Overijsselse Delta (WDODelta) heeft ingestemd met een krediet van 718 miljoen euro voor de versterking van de dijk tussen Olst en Zwolle. Met dat krediet wordt ook een deel van de dijk verlegd, maar de kosten hiervan zijn uiteindelijk voor rekening van provincie Overijssel en het Rijk.
De hoge kosten van de versterkingsoperatie zijn het gevolg van de lengte van het dijktraject, de technische en maatschappelijke complexiteit, strengere regelgeving, onvoorziene prijsontwikkelingen en de bewuste keuze voor een zorgvuldige aanpak met oog voor bewoners, bedrijven en natuur, schrijft het waterschap in een persverklaring.
De impact van de versterking op de omgeving is fors. “Het sentiment in de omgeving is tweeledig: er is draagvlak voor de noodzaak om de IJsseldijk te versterken en toekomstige generaties te beschermen, maar er zijn zorgen over overlast en hinder in de tijdelijke situatie tijdens de realisatie van de dijkversterking”, staat in de kredietaanvraag die dinsdag in de vergadering van het algemeen bestuur is behandeld.
155 reacties
Op het planontwerp voor de dijkversterking kwamen 155 reacties binnen. “Deze zienswijzen hebben op enkele plekken geleid tot een aanpassing van de benodigde werkruimte, maar niet tot een inhoudelijke aanpassing van het dijkversterkingsontwerp”, schrijft het waterschap.
Het waterschap is in 2017 begonnen met de voorbereiding van de versterking van de dijk tussen Olst en Zwolle. Deze is over een lengte van 29 kilometer afgekeurd op piping, binnenwaartse stabiliteit en bekleding. Verschillende delen van het traject hebben ook een hoogtetekort. Voorts zijn verschillende kunstwerken op het traject afgekeurd waaronder het monumentale sluizencomplex Katerveer.
Het hele projectgebied valt binnen Natura 2000-gebied Rijntakken. Bij Paddenpol ter hoogte van Herxen wordt de dijk over een lengte van zo’n 750 meter 300 meter landinwaarts verlegd. Zo ontstaat meer ruimte in de uiterwaarden, waardoor bij hoogwater extra water kan worden geborgen. Tegelijkertijd wordt nieuwe riviernatuur ontwikkeld, wat bijdraagt aan ecologische doelen van de Kaderrichtlijn Water. De oude dijk wordt grotendeels afgegraven tot een lagere zomerkade.
Binnendijks
De versterking van de dijk wordt vooral binnendijks aangepakt. “Dit maakt het technisch veel ingewikkelder en duurder dan wanneer de dijk wel aan de rivierkant aangepakt had kunnen én mogen worden. In het licht van de strenge wetgeving en vele vergunningen is dit niet haalbaar. Daarnaast spelen factoren als stikstof, archeologie en strenge geluidseisen een rol”, aldus het waterschap.
De kosten van de versterking worden geraamd op 718 miljoen euro. Een flink deel daarvan, 61 miljoen euro, is gereserveerd voor risico’s, zoals inflatie en rente. De kostenraming is meervoudig gereviewd: intern binnen WDODelta, en extern door een onafhankelijk adviesbureau, een zogeheten kostentafel en het expertteam van het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP).
Daarmee is vastgesteld dat de raming marktconform, sober en doelmatig is en voldoet aan de voorwaarden van de subsidieregeling van het HWBP, schrijft WDODelta. Het waterschap draagt 10 procent van de geraamde 718 miljoen euro, het HWBP 90 procent.
De eerste schop gaat in 2026 bij Paddenpol de grond in. In 2033 moet het dijkversterkingsproject klaar zijn.