Hoewel de visstand in veel rijkswateren de afgelopen jaren is afgenomen, gaat het de goede kant op met de baars, snoekbaars, paling en meerval. Dat is mede te danken aan exotische grondels.
Dat blijkt uit de nieuwste 12-jarige vismonitoring rijkswateren van visonderzoekers van Wageningen University & Research, in opdracht van Rijkswaterstaat.
Met name de aantallen brasems, rivierdonderpadden en inheemse riviergrondels zijn gekelderd. Ook is er een sterke afname van spiering op de grote rivieren en in het IJsselmeer en Markermeer. Stroomminnende soorten als de roofblei, sneep, fint en barbeel hebben het moeilijk, mede door het dichtslibben van nevengeulen langs de grote rivieren.
De nevengeulen zijn belangrijke paaiplekken voor deze soorten. In de Grensmaas lijkt de barbeel weer op te krabbelen nadat deze vissoort 12 jaar lang op het randje van verdwijnen stond.
Exotische grondels
In het hele stroomgebied van de Maas, Rijn en het IJsselmeer is de visstand verminderd als gevolg van halvering van de fosfaatgehaltes in het rivierwater sinds 2021 en door de opmars van grondels, invasieve exotische bodemvissen. Overgekomen grondels uit het leefgebied van de Kaspische zee hebben geleid tot een sterke afname van inheemse bodemdieren in de rivieren. Ook verorberen de exotische grondels viseitjes.
De baars, snoekbaars en paling vormen een gunstige uitzondering, evenals de meerval. Deze vier soorten gaan vooruit. Dat wordt mede verklaard uit het feit dat de roofvis snoekbaars de afgelopen jaren minder commercieel is bevist.
Opvallend is dat deze soorten zijn overgeschakeld op het eten van exotische grondels. Ook aalscholvers lusten graag zwartbekgrondels, zo blijkt uit dieetonderzoek bij deze vogels.
De zwartbekgrondel leek op z’n retour, maar is afgelopen jaren weer meer gevangen in rijkswateren. De vissoort is met name dominant langs stortstenen oevers van het IJsselmeer, Randmeren, Oude Maas, Rijn en Waal.
Paling uit het dal
De paling klimt ook uit het dal. Zowel in de grote rivieren als in het IJsselmeer, Markermeer en de Randmeren wordt aanzienlijk meer aal gevangen. Ook zijn de palingen opvallend groot en zwaar.
Sinds 2011 mag er voor consumptie geen paling meer worden gevangen in de grote rivieren en is ingezet op het uitzet van glasaal, jonge palingen. Dat lijkt vruchten af te werpen.
De visonderzoekers vermoeden dat de paling ook is overgeschakeld op de massaal aanwezige zwartbekgrondels. Duitse visonderzoekers hebben aangetoond dat palingen de grondels opvreten, maar in de Nederlandse wateren zijn daar nog geen bewijzen voor geleverd. “Het zou interessant zijn om te onderzoeken of de invasie van grondels verantwoordelijk is voor de toename van aal”, luidt het advies van de visonderzoekers van Wageningen University & Research.