Ga naar inhoud

Raad voor leefomgeving en infrastructuur: nationale drinkwaterstrategie nodig om ‘existentiële bedreiging’ te voorkomen

Door Tim Koorn
Raad voor leefomgeving en infrastructuur: nationale drinkwaterstrategie nodig om ‘existentiële bedreiging’ te voorkomen
De Rli raadt aan om een verhoogd tarief te gaan rekenen voor \u2018excessief\u2019 drinkwatergebruik | Foto Tosab Photography/Unsplash
Gepubliceerd:

Als de nationale drinkwatervoorziening de komende jaren niet fundamenteel anders wordt ingericht, kunnen klimaatverandering, vervuiling van zoetwaterbronnen en economisch-demografische groei tussen nu en 2100 ‘een existentiële bedreiging’ gaan vormen. Dat stelt de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) in het advies ‘Zorg voor water’, dat vandaag wordt aangeboden aan minister Vincent Karremans van Infrastructuur en Waterstaat.

Waar eerdere adviezen en rapportages over de drinkwatervoorziening veelal vooruitblikten naar 2030 of 2050, onderzocht de Rli welke interventies nodig zijn om iedereen in Nederland tot ten minste het einde van deze eeuw van voldoende, schoon en betaalbaar drinkwater te voorzien.

In het omvangrijke advies, waarvoor de raad met tientallen experts uit de sector sprak, luidt de conclusie dat het huidige drinkwatersysteem er niet op toegerust is om inwoners en bedrijven tot 2100 overal en te allen tijde van genoeg drinkwater te voorzien. In sommige regio\'s zal de drinkwatervraag naar verwachting verdubbelen of verdrievoudigen, terwijl zoetwatervoorraden door onder andere verzilting en toenemende droogte juist steeds meer onder druk zullen komen te staan. Centrale boodschap: tegen de tijd van 2100 kan er alleen nog genoeg water uit de kraan komen, als we de inrichting van de drinkwatervoorziening nú gaan veranderen.

Ook voor de kortere termijn waarschuwt de Rli echter, net als drinkwaterbedrijf Vitens een paar dagen geleden, dat ‘netcongestie’-praktijken zich ook in de drinkwatervoorziening kunnen voordoen, en dat de rek er eigenlijk vandaag de dag al uit is. Zo slagen de meeste drinkwaterbedrijven er al ‘geruime tijd’ niet meer in om te voldoen aan de wettelijke verplichting om reserves van minimaal 10 procent van de jaarlijkse drinkwaterproductie aan te houden. Bij diverse bedrijven bedraagt de operationele reserve slechts zo’n 5 procent van de jaarlijkse productie.

‘Waterlandschappen’
Het is tijd voor een andere benadering, stelt de raad, waarin we uitzoomen van de huidige regionale focus op voorzieningsgebieden, naar een ‘nationale focus’. De raad constateert namelijk dat drinkwaterbedrijven ‘vooral gericht [zijn] op hun eigen verzorgingsgebied, terwijl de problemen deze overstijgen’, en dat samenwerking en uitwisseling tussen voorzieningsgebieden momenteel slechts ‘ad hoc en op basis van persoonlijke relaties’ gebeurt. Conclusie: “het blijven zoeken naar oplossingen binnen de afzonderlijke verzorgingsgebieden is een doodlopende weg”.

De Rli adviseert daarom een aanpak met meer samenhang tussen drinkwaterbedrijven, waarin bovendien aandacht is voor oplossingen waarmee zowel het drinkwaterbelang als andere maatschappelijke belangen simultaan gediend worden. Het is namelijk “onverstandig om de drinkwatervoorziening in afzondering te blijven benaderen en in te zetten op steeds kostbaardere en ingewik­keldere zuiveringstechnieken”, stelt de raad, die daarom pleit voor ‘(drink)waterland­schappen’: groenblauwe gebieden waar waterbescherming, natuurontwikkeling, recreatie en land­schappelijke kwaliteit samengaan. Als voorbeeld wordt de Klimaatbuffer van PWN genoemd.

Nationale drinkwaterstrategie
Om op nationale schaal (bijvoorbeeld) dergelijke zoetwaterbuffers en nature-based oplossingen te ontwerpen, en voorzieningsgebieden met elkaar te verbinden om periodes van overschot en droogte te kunnen opvangen, zijn langjarige, landelijk gecoör­dineerde investeringsbeslissingen nodig. En een netwerkplanning, ‘die individuele drinkwaterbedrijven of provincies niet kunnen overzien’. Daarom is volgens de Rli een nationale drinkwaterstrategie nodig, waarin ruimte gereserveerd wordt en nieuwe wijzen van samenwerking tussen overheden en drinkwaterbedrijven worden vastgelegd.

Hierbij zal de minister van Infrastructuur en Waterstaat de regie moeten nemen en ‘een krachtigere invulling moeten geven aan zijn systeemverant­woordelijkheid voor de drinkwatervoorziening’. Gezien de verwevenheid tussen de drinkwatervoorziening en het ruimtelijk beleid ziet de Rli daarin ook een rol voor de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, en voor de Deltacommissaris.

Samen met drinkwaterbedrijven en lokale overheden wordt al gewerkt aan zo\'n strategie, liet het ministerie weten aan de NOS. De nationale drinkwaterstrategie zal eind 2027 worden gepresenteerd. 

Kapitaalreserves
Ook financieel gaat de schaal van de opgaven de mogelijk­heden van drinkwaterbedrijven te boven. Zij kunnen immers geen significante kapitaalreserves opbouwen, als gevolg van de wettelijke inperking van het redelijk rendement dat drinkwaterbedrijven mogen verdienen. Deze financiële regels hebben de afgelopen decennia goed gefunctioneerd, stelt de raad, doordat de investerings- en vervangingsop­gaven van drinkwaterbedrijven toen nog te overzien waren. Nu en in de toekomst leidt de inperking er echter toe dat drinkwaterbedrijven over onvoldoende kapitaalreserves beschikken voor het uitbreiden en onderhouden van winningen en infrastructuur. Grootschalige investeringen moeten daardoor binnen relatief korte tijd worden aangetrokken.

Binnen de huidige regels is het onmogelijk om alle investeringen die in de toekomst nodig zullen zijn door de klanten van drinkwaterbedrijven op te laten brengen, omdat de tarieven die drinkwater­bedrijven in rekening mogen brengen wettelijk zijn gereguleerd. Ook is het aandeelhouderschap van drinkwaterbedrijven in veel gevallen versnipperd over een groot aantal gemeenten en provincies, die nu geen stortings- of investeringsplicht hebben. Bovendien gaat het voor een deel om investeringen die voorzieningsgebieden, provinciegrenzen of zelfs de drinkwatersector overstijgen, zoals bij de herinrichting van gebieden om water langer vast te houden. Voor deze investeringen ligt het niet voor de hand om bijvoorbeeld een gemeente als aandeelhouder dit te laten opbrengen.

De raad adviseert de rijksoverheid daarom om de benodigde financiële middelen zeker te stellen, en bij te dragen aan de noodzakelijke investeringen door financieel deel te nemen in de drinkwaterbedrijven. Op die manier krijgt het Rijk bovendien medezeggenschap over het beleid van de bedrijven, wat de raad van belang vindt gelet op eerdergenoemde regierol.

Belangenstrijd
Behalve Den Haag zullen ook decentrale overheden “veel daadkrachtiger” moeten optreden om de drinkwatervoorziening op peil te houden. De raad vindt dat provincies, gemeentes en waterschappen hun wettelijke zorgplicht voor drinkwater “onvoldoende serieus” nemen. Te vaak komt het volgens de raad voor dat zij in afwegingen over de ruimtelijke ordening voorrang geven aan bijvoorbeeld woningbouw en landbouw. “Deze zaken kunnen urgenter lijken vanuit het oogpunt van de decentrale over­heden en hun inwoners. Daaronder gaat de impliciete veronderstelling schuil dat drinkwater vanzelfsprekend is en adequaat is belegd bij de drink­waterbedrijven.” Dat laatste is “een gevaarlijke aanname”, vindt de raad. 

Ook in de toekenning van zoetwatervoorraden ziet de Rli dat de drinkwatervoorziening te vaak het onderspit delft ten opzichte van andere belangen, zoals industrie die zoetwater nodig heeft voor koeling of productieprocessen, of de landbouw, die gebaat is bij het snel afvoeren van overtollig water en het aanhouden van lage waterstanden. Dat het drinkwaterbelang het in bestuur­lijke afwegingen moet afleggen tegen andere economische belangen en dat korte­termijnbelangen veelal zwaarder worden gewogen dan het belang van een toekomstbestendige drinkwatervoorziening, vindt de raad ‘een verontrustend gegeven, dat op den duur ernstige consequenties kan hebben’.

Als voorbeeld noemt raadsvoorzitter Jan Jacob van Dijk in Trouw het IJsselmeer, het grootste zoetwaterreservoir van het land. “Er gaan weleens stemmen op om in het IJsselmeer een grote stad te bouwen”, aldus Van Dijk. “Dat gaat ten koste van dat reservoir. We hebben overwogen om te adviseren daarvan af te zien, maar doen dat niet, want het is aan het kabinet om afwegingen te maken.”

Hoog tarief voor grootverbruikers
Ook voor de burger ligt er een taak. Die is zich namelijk onvoldoende bewust van de waarde en de prijs van drinkwater, merkt de raad op. Ook leeft er onder de mensen een ‘beperkt’ gevoel van urgentie als het gaat om drinkwatertekorten, wat tot ‘slordig’ gebruik van drinkwater leidt.

Om de toenemende investeringen in de drinkwatervoorziening te kunnen bekostigen en het drinkwaterverbruik te laten dalen, zullen de drinkwatertarieven moeten stijgen, stelt het advies. De Rli raadt aan het vastrecht (vast bedrag ongeacht het verbruik) te vervangen door een volledig variabel tarief, en een verhoogd tarief te rekenen voor ‘excessief gebruik’. Betaling naar rato van het werkelijke gebruik zou volgens de raad een prikkel zijn om minder drinkwater te gebruiken, en de verdeling van lasten sociaaleconomisch rechtvaardiger maken.

Reactie Vewin
“De conclusies en aanbevelingen van de Rli bieden goede aanknopingspunten voor de noodzakelijke interventies”, schrijft branchevereniging van drinkwaterbedrijven Vewin in een reactie op het advies. “Vewin roept de minister van IenW op met alle betrokken partijen voortvarend te gaan werken aan opvolging van dit advies. Daarbij kan worden voortgebouwd op reeds lopende trajecten. De drinkwatersector werkt hier graag aan mee.”


LEES OOK
H2O Actueel: Vitens waarschuwt voor ‘watercongestie’: ‘Rond 2030 zijn we misschien even uitverkocht’

Tags: Actueel

Meer in Actueel

Bekijk alles

Meer van Tim Koorn

Bekijk alles

Van onze partners

Meer inzicht in uw installatie

Meer inzicht in uw installatie

Digitalisering speelt een steeds grotere rol binnen de procesindustrie. Moderne instrumentatie levert niet alleen meetwaarden, maar ook diagnostische informatie en gegevens over de conditie van apparatuur. Bedrijven beschikken daardoor over

Door Tim Koorn
/