Ga naar inhoud

RIWA-Maas: ‘Nederland moet veel ambitieuzer zijn om pfas-lozingen op te sporen’

RIWA Maas combineert datasets en maakt eerste overzicht van bedrijven met lozingsvergunning in het stroomgebied van de Maas. “De vervuiling aanpakken begint bij weten wie en waar er PFAS loost. Daar is geen centraal overzicht van, daarom hebben wij nu een eerste voorzet gedaan.”

RIWA-Maas: ‘Nederland moet veel ambitieuzer zijn om pfas-lozingen op te sporen’
De Maas | Foto Marianne Ulrich
Gepubliceerd:

“De beste manier om PFAS uit de lucht, water en bodem te krijgen, is het aanpakken van de vervuiling”, dat zegt Maarten van der Ploeg van RIWA Maas. “De vervuiling aanpakken begint bij weten wie en waar er PFAS loost. Daar is geen centraal overzicht van, daarom hebben wij nu een eerste voorzet gedaan.”

“Drinkwaterbedrijven halen goede resultaten bij het zuiveren van PFAS uit het water”, stelt Maarten van der Ploeg, directeur van RIWA Maas (de vereniging van drinkwaterbedrijven in het Maasstroomgebied). “Maar PFAS is zo wijdverspreid dat het voorkómen van uitstoot de enige manier is om het probleem op te lossen.”

In Europees verband wordt gesproken over een verbod op PFAS gebruik. “Dat juichen we natuurlijk toe en dat verbod moet er zeker komen. Maar dat is een proces van de lange adem. Dat betekent niet dat we daarop kunnen blijven wachten. Bij de Kaderrichtlijn Water zag je ook dat we heel lang bezig zijn geweest met voorbereidingen en het identificeren van de meest vervuilende stoffen. Bij PFAS hoeven we daar niet op te wachten, want we willen alle vormen van PFAS uit het milieu krijgen.”

Dat begint volgens Van der Ploeg met het weten waar lozingen van PFAS plaatsvinden. “Daar ontbreekt nu een centraal beeld van. Door verschillende datasets te combineren, onder andere die uit de Schone Maas Atlas en een dataset die door MOB uit een WOO-verzoek is verkregen, hebben we nu voor het eerst een schifting gemaakt van bedrijven die direct en indirect afvalwater via de riolering lozen. Daaruit is gekomen dat er 600 bedrijven zijn, maar vermoedelijk meer, met een lozingsvergunning in het voor ons relevante gebied. Deze exercitie laat zien dat het dus wel degelijk mogelijk is om een compleet beeld te krijgen van het aantal en soort lozingsvergunningen, vanuit een dergelijk overzicht kan vervolgens gericht naar bronnen van PFAS en andere schadelijke stoffen gezocht worden.”

“Vervuilingen komen op vele manieren in het water”, vervolgt Van der Ploeg. “Bij de monitoring van Maaswater zien we dat veel schadelijke stoffen vanuit de industrie komen. Wij roepen bedrijven daarom op om goed te weten wat er in hun afvalwater zit en zich actief inzetten om emissies van schadelijke stoffen te voorkomen. Daaraan gekoppeld hoort natuurlijk ook dat er monitoring en handhaving moet komen om te weten waaruit de afvalwaterstromen precies bestaan.” 

En dat is een taak van de overheid. Nederland heeft 21 waterschappen, 26 omgevingsdiensten, meer dan 300 gemeenten, 12 provincies en verschillende diensten van Rijkswaterstaat die lozingsvergunningen afgeven. “Voor het Maasstroomgebied gaat het om ruim tien bevoegde gezagen. Die kunnen niet bij elkaar in de systemen kijken. Door informatie over lozingen met elkaar te delen kan bij het verstrekken van een vergunning zodoende beter rekening gehouden worden met de totale belasting van een waterlichaam.”

Het is nu aan de Rijksoverheid, vindt Van der Ploeg, om de regie te pakken. “We moeten in Nederland echt ambitieuzer zijn bij het identificeren en aanpakken van de vervuiling. Dat wil de maatschappij [Nv1.1]ook. Omdat PFAS overal in zit, heeft iedereen er immers mee te maken.”

Tags: Actueel

Meer in Actueel

Bekijk alles

Meer van Kees Jan van Kesteren

Bekijk alles
Honderden zoetwatersponzen gevonden in de Rijn

Honderden zoetwatersponzen gevonden in de Rijn

/

Van onze partners

Meer inzicht in uw installatie

Meer inzicht in uw installatie

Digitalisering speelt een steeds grotere rol binnen de procesindustrie. Moderne instrumentatie levert niet alleen meetwaarden, maar ook diagnostische informatie en gegevens over de conditie van apparatuur. Bedrijven beschikken daardoor over

Door Tim Koorn
/