Ondanks aanhoudende kritiek van zijn ambtenaren vroeg staatssecretaris Jean Rummenie (Landbouw, BBB) een omstreden wetenschapper om een second opinion over het stikstofbeleid, en hield maandenlang vast aan diens rapport wat volgens ambtenaren ‘aantoonbaar foutieve informatie en inhoudelijke misvattingen’ bevat. Dat blijkt uit documenten die het NRC heeft ingezien via een beroep op de Wet open overheid.
Aanleiding voor deze ‘second opinion’ was Rummenies wantrouwen in de Ecologische Autoriteit, die vorig jaar concludeerde dat ‘onverwijld gestart moet én kan worden’ met natuurherstel in door stikstofdepositie aangetaste natuurgebieden. De Ecologische Autoriteit is een door de minister van Natuur en Stikstof ingesteld, onafhankelijk orgaan dat wettelijk belast is met de taak ‘te toetsen of, met het oog op de huidige en beoogde kwaliteit van de beschermde natuur, de essentiële ecologische informatie betrokken is bij de onderbouwing van besluiten door bevoegde gezagen over natuurdoelanalyses, gebiedsplannen en gebiedsprogramma’s’.
Voor elk van haar adviezen stelt de autoriteit een werkgroep samen van onafhankelijke deskundigen uit de wetenschap en praktijk, vergelijkbaar met de werkwijze van de Commissie mer (waar het onderdeel van uitmaakt). Desalniettemin twijfelde Rummenie aan het werk van de autoriteit en wilde hij een ‘second opinion’, schrijft het NRC.
Sprookjesmodellen
Daartoe liet hij een afspraak maken met Ronald Meester, hoogleraar Waarschijnlijkheidsrekening en Statistiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Zijn publicaties beslaan een gevarieerd scala aan onderwerpen, waaronder theologie, spiritualiteit, elektromagnetische straling, valsspelen bij bridge en honkbal, en ‘de eventuele relatie tussen COVID-19 vaccinaties en oversterfte’. Naast zijn aanstelling aan de VU is Meester sinds 2016 eigenaar van de eenmanszaak Meester Advies, waarmee hij advies geeft aan ‘bestuurders en managers’.
Met enige regelmaat uit de hoogleraar in de media zijn kritiek op overheden en collega-wetenschappers, zoals in een opiniestuk op een Belgisch opinieplatform, waarin hij de klimaatwetenschap in twijfel trekt, van ‘sprookjesmodellen uit de grote duim van het RIVM’ spreekt en concludeert dat de wetenschap aan ‘een gebrek aan zingeving, metafysica, religiositeit en levensbeschouwing’ lijdt. Tijdens de coronapandemie kreeg zijn kritiek op statistische modellen van het CBS en het RIVM en op de veiligheid van vaccins ruim baan in verschillende media, waarop het CBS zich genoodzaakt zag te waarschuwen dat het werk van Meester gebaseerd was op ‘foutieve beoordelingen van de trends in de sterfte en doodsoorzaken’.
Agrifacts & Zuivelfonds
Door deze hoogleraar om advies te vragen koos Rummenie kortom niet voor een onomstreden statisticus, en wél voor iemand met een uitgesproken visie over het stikstofdossier. Zo publiceerde Meester in januari 2024 op de website van Agrifacts, een door de landbouwbranche gefinancierde stichting, een stuk waarin hij stelt dat stikstofuitspraken van de Raad van State \'ten onrechte de indruk wekken wetenschappelijk onderbouwd te zijn’.
Het gunnen van deze opdracht was volgens het NRC het begin van \'een lang conflict\' tussen Rummenie en zijn ambtenaren. Uit de door de krant opgevraagde documenten blijkt dat ambtenaren waarschuwden dat het onderzoek van Meester ‘het gezag van de Ecologische Autoriteit kan ondermijnen’. Toch zette de staatssecretaris door, en kreeg Meester de opdracht.
Hiertoe wilde de hoogleraar samenwerken met Geesje Rotgers, wie als onderzoeksjournalist in dienst is bij eerdergenoemde stichting Agrifacts en als communicatiemedewerker bij een brancheorganisatie voor varkenshouderijen. Rotgers is bekend van (en geridderd voor) haar werk voor het Mesdag Zuivelfonds, dat in 2020 na een lange periode van kritiek concludeerde dat berekeningen van het RIVM over stikstofneerslag vanuit de landbouw op gevoelige natuurgebieden toch wel correct uitgevoerd waren. Het onderzoekswerk van Rotgers, en de film ‘De trukendoos van het RIVM’ die ze in 2019 aan de Tweede Kamer liet zien, worden door boeren als belangrijk bewijs gezien voor de onbetrouwbaarheid van stikstofcijfers.
Forum voor Democratie
Rummenies ambtenaren verzetten zich daarom tegen haar betrokkenheid, waarop besloten werd dat Rotgers geen uitvoerende rol in het onderzoek kreeg. Wél werd Rotgers door Meester geïnterviewd als expert. Wie ook een rol in het onderzoek blijkt te hebben gehad, ontdekte de krant, is Lidewij de Vos, fractievoorzitter van Forum voor Democratie. In een conceptversie van Meesters onderzoeksrapport werd De Vos in het dankwoord bedankt voor haar bijdragen. Op verzoek van de staatssecretaris werd dat in de definitieve versie geschrapt, omdat het “beter is als politiek en wetenschap van elkaar gescheiden blijven”.
In het rapport dat Meester in mei aan het ministerie presenteerde, adviseert hij om ‘helemaal af te zien van de modellenwerkelijkheid’. ‘We zijn blind modeluitkomsten aan het volgen’, schrijft Meester, ‘zonder de mogelijkheid te hebben om te controleren waar we mee bezig zijn’. Volgens hem wordt er ‘veel beweerd over stikstof’, maar is er ‘vrijwel geen enkele kwantitatieve claim die daadwerkelijk controleerbaar is’.
‘Aantoonbaar foutief’
Ambtenaren waarschuwen Rummenie vervolgens dat belangrijke conclusies in het rapport gebaseerd zijn op ‘aantoonbaar foutieve informatie en inhoudelijke misvattingen’. Als hij toch iets met het rapport wil doen, stellen de ambtenaren, zou hij het moeten laten beoordelen door andere wetenschappers. In september wordt daarom Arthur Petersen, hoogleraar aan University College London (en voorzitter van de Signaalgroep Deltaprogramma), gevraagd om een second opinion van Meesters second opinion (van het werk van de Ecologische Autoriteit, wiens toetsings- en advieswerk op zijn beurt te beschouwen is als second opinion).
Petersen mag van Rummenie slechts op bepaalde delen commentaar leveren. De review is daarom ‘totaal onvolledig’, zegt Petersen tegen NRC. Meesters advies om in het stikstofbeleid in het geheel geen rekenmodellen meer te gebruiken wees hij af. Dat de onzekerheden van de modellen volgens Meester groot zijn is hij het weliswaar mee eens, zegt Petersen, “maar dat wil niet zeggen dat het model onbruikbaar is”.
Ook na deze peer review adviseren ambtenaren Rummenie om niets met het rapport te doen. Toch gaat in oktober, op verzoek van FvD-fractievoorzitter De Vos, (een herziene versie van) het rapport ‘De illusie van een betrouwbare stikstof-modelwerkelijkheid’ naar de Kamer. In de maanden die daarop volgen wijzen Rummenies ambtenaren, en topambtenaren van andere ministeries, de staatssecretaris erop dat het rapport nog steeds ‘grote tekortkomingen’ heeft, aldus het NRC.
Twijfel in de samenleving
Het zal dan nog maanden duren voordat het kabinet een oordeel over het rapport velt. In de tussentijd vond het echter al zijn weg naar de samenleving, alwaar het twijfel zaaide. Zo kopte de Telegraaf in oktober dat Meester een ‘bom onder het Haagse stikstofbeleid’ had gelegd. Aan de krant vertelde Rummenie dat het rapport voor hem bevestigde waar hij naar op zoek was geweest. “Voor mij bevestigt dit rapport dat we breder moeten kijken naar de daadwerkelijke staat van de natuur, en dat gaat verder dan alleen stikstof”, aldus de staatssecretaris. Ook zat hij op de dag dat Nederland voor de Tweede Kamerverkiezingen naar de stembus ging ‘s ochtends in het PowNed-radioprogramma van Telegraafcolumniste Marianne Zwagerman. “Ik dacht op een gegeven moment: ik moet hard wetenschappelijk bewijs hebben waarom dit gewoon niet kan”, zei hij daar.
Ook vroegen provincies het RIVM wat ze met de conclusies van het rapport moesten aanvangen, en werd het stuk volgens NRC door burgers en belangenorganisaties naar lokale overheden gestuurd, regelmatig in discussies over stikstof op social media aangehaald, en wezen adviesbureaus voor de agrarische sector hun cliënten op het rapport.
Kabinetsreactie
Twee weken geleden is het rapport besproken in een onderraad met demissionair premier Dick Schoof en zeventien andere bewindslieden, wie Rummenie volgens het NRC ‘terugfloten’. In de brief die hij vervolgens op 16 januari naar de Tweede Kamer stuurde, schrijft Rummenie dat het kabinet geconstateerd heeft ‘dat de aanbevelingen die dhr. Meester doet niet allemaal berusten op voldoende wetenschappelijke onderbouwing, zoals ook blijkt uit de review van dhr. Petersen’. ‘Dat lijkt de politieke dood van het rapport’, concludeert het NRC.
Wel houdt Rummenie vast aan Meesters advies om een ‘multidisciplinaire werkgroep samen te stellen die onderzoek doet naar internationale/Europese handreikingen en adviezen die bij kunnen dragen aan een alternatief voor de huidige vorm van vergunningverlening’. Deze werkgroep gaat Rummenie ‘op korte termijn’ laten samenstellen en ‘vragen om te kijken naar landen met een vergelijkbare belasting van de natuur en aanbevelingen te doen hoe we van de systematiek van vergunningverlening gebruik kunnen maken’.