Het kan wél. D66 won de verkiezingen met deze wervende zin. Dat geeft hoop. Het geldt namelijk ook voor het in beeld krijgen van lozingen op water. Het is niet moeilijk. Je moet het willen.
In 2018 is afgesproken (en in 2020 bekrachtigd) dat de bevoegde gezagen een overzicht zouden geven welke Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) in Nederland worden gebruikt en geloosd. Tegelijk zou in beeld worden gebracht hoe deze ZZS in vergunningen zijn opgenomen en wat er is gedaan om te voldoen aan hun verplichting om de emissies te minimaliseren. Einddatum was januari 2021.
Vanaf die tijd vragen drinkwaterbedrijven regelmatig aan de overheid om het beloofde overzicht te geven wie waar wat loost. Geen onredelijke vraag, want volgens RIVM zien we te veel van deze stoffen in bronnen van drinkwater. Het is ook wettelijk verplicht: vanaf 1 januari 2016 geldt er een landelijke minimalisatieplicht voor ZZS, met daarin de verplichting voor ZZS om elke 5 jaar een Vermijdings- en Reductieprogramma (VRP) op te stellen. Bijna 10 jaar verder (en twee rondjes VRP’s), ontbreekt het overzicht nog steeds.
Sommige dingen zijn intrinsiek moeilijk, zoals mensen naar de maan sturen. Andere dingen zijn in de kern eenvoudig, zoals vergunningen controleren en dossiers bijhouden. Vervelend werk, maar noodzakelijk. Voor iets soortgelijks saais en nuttigs, de financiële administratie, is dit in Nederland formeel geborgd. Als de boekhouder de jaarrekening niet voor elkaar heeft, dan krijgt het bedrijf een probleem met de accountant en heeft dat consequenties. Voor de administratie van lozingen geldt dit helaas niet, al zijn er wel gelijkenissen: de Algemene Rekenkamer is een soort accountant voor de overheid.
‘De minister heeft (nog steeds) weinig zicht op welk bedrijf wat loost’
Ze kijken of we doen wat moet. Voor het wettelijk toezicht op lozingen brachten ze in maart 2026 een helder rapport uit: de minister heeft (nog steeds) weinig zicht op welk bedrijf wat loost. Dit alles helaas zonder al te veel gevolgen. Het rapport wordt geagendeerd in de Tweede Kamer, de minister erkent het probleem, verwijst naar een lopend impulsprogramma, deltaprogramma, versnellingstafel of een ambassadeursoverleg, en klaar.
Reden voor verschillende instanties om het overzicht zelf maar te creëren. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) kwam op basis van eigen onderzoek eind 2024 met een lijst van 172 potentiële PFAS-emissies voor Rijn en Maas. Beduidend meer dan de 32 waar adviesbureau AT-Osborne in opdracht van het Ministerie in 2023 mee kwam.
Vanuit de Schone MaasWaterKeten (SMWK) is zelfs een prachtige digitale atlas opgesteld met informatie over alle bekende lozingen en vergunningen in het Maasstroomgebied. SMWK biedt ook nog instrumenten en voorbeelden hoe om te gaan met ZZS. Dit alles geïnspireerd door een geo-portaal met goed toegankelijke data over bedrijfsafvalwaterlozingen in Wallonië. Het is een kwestie van willen en doen. De ILT en de SMWK laten zien dat het wél kan.
Harrie Timmer is geohydroloog en schrijft een column in het vakblad